Nieuw tijdperk in Gezondheidszorg: 'Van behandeling naar diagnostiek'

7712-nieuw-tijdperk-in-gezondheidszorg-van-behandeling-naar-diagnostiek

Hoe de biotech-ondernemer een nieuw tijdperk in de gezondheidszorg inluidt

Proberen – lukt niet – nog een poging. Als je er wat langer over nadenkt, is het merkwaardig dat een geavanceerd vakgebied als de geneeskunde zich nog bedient van een primitieve methodiek als trial and error. Schrijft een arts chemotherapie voor, dan weet hij/zij dat de kans groot is dat de behandeling niet aanslaat.


Maar experimenteren met andere methoden lonkt ook niet, want als je afwijkt van de standaard, heb je heel wat uit te leggen als het misgaat. Een hard gelag voor de arts die vooral wil genezen. En een nog harder gelag als je weet dat de technologie om effectiever te behandelen al bestaat.

Alleen wijzen overheid, verzekeraars, EMA en farmaceutische bedrijven voortdurend naar elkaar bij de vraag wie dat moet helpen ontwikkelen. En te midden van die wijzende vingers is het de innovatieve biotech-ondernemer die de stappen zet richting een nieuwe aanpak in de gezondheidszorg.

Innovatieve diagnostiek
Personalized Medicine is als begrip al een tijd in omloop, maar is nog maar in beperkte mate doorgedrongen tot de klinieken. Er wordt gezocht naar de effectiefste behandeling (met de minste bijwerkingen) die het best past bij de situatie van de patiënt. Daarbij is goede diagnostiek cruciaal: welke kenmerken heeft een bepaald type patiënt waardoor een behandeling wel of niet aanslaat? Sommige tools kunnen van tevoren al inschatten of een behandeling gaat werken, maar op termijn kan door middel van vroegdiagnostiek ook gestart worden met de behandeling van ziektes voor die zich überhaupt openbaren.

Willemijn Vader begeeft zich met haar bedrijf VitroScan op het gebied van personalized medicine, voor de behandeling van kankerpatiënten. Haar bedrijf gebruikt tumorcellen van patiënten en test er medicijnen op uit buiten het lichaam. Daarbij worden de condities zoals die in het lichaam zijn, zo goed mogelijk nagebootst. Op deze manier kunnen zoveel mogelijk middelen tegelijkertijd getest worden. Met als resultaat dat de arts van tevoren al kan vaststellen dat behandeling X bij de betreffende patiënt niet zal aanslaan, maar behandeling Y wel. Ook trial and error dus, maar dan al van tevoren, zodat de patiënt direct het effectiefste middel toegediend krijgt.

“De overheid moet inzien dat het ontwikkelen en financieren van diagnostiek niet de rol is van medicijnontwikkelaars. We vragen ook niet aan een autofabrikant of hij meer treinen wil gaan ontwikkelen.”

Wéér een nieuw medicijn
“De winst valt tegenwoordig nauwelijks meer te behalen bij de ontwikkeling van wéér een nieuw medicijn,” zegt Willemijn Vader van VitroScan. “Er zijn al 200 middelen tegen kanker op de markt. De komende vijf jaar komen daar mogelijk nog eens 400 bij. We moeten gaan kijken naar de verschillen tussen mensen, door middel van betere diagnostiek. Dat levert ons echt wat op: bij een nieuw medicijn is de verbeterde effectiviteit voor een brede groep patiënten vaak gering, terwijl je met betere diagnostiek veel grotere winst kan behalen voor de individuele patiënt.”

Wie pakt de ontwikkeling van diagnostiek op? De ondernemer
Het is voor Willemijn evident dat geneeskundig onderzoek zich op innovatieve diagnostiek zou moeten storten. Toch is er veel maatschappelijke onduidelijkheid over de vraag wie de diagnostiek dan zou moeten ontwikkelen. Zo zei Liliane Ploumen nog tijdens een nagesprek over Tegenlicht-uitzending ‘Peperdure pillen’ dat de ontwikkeling en financiering van diagnostiek “toch wel iets is wat farmaceuten kunnen oppakken.” Willemijn, die zelf jarenlang werkzaam was voor een farmaceut (Sanofi), weet dat die gedachte een illusie is. “De overheid moet inzien dat dit niet de rol is van medicijnontwikkelaars. We vragen ook niet aan een autofabrikant of hij meer treinen wil gaan ontwikkelen.”

Codex4SMEs ondersteunt de innovatieve ondernemer
De handschoen ligt daarmee bij de ondernemer. Maar die heeft moeite om financiering op te halen voor zijn innovatieve diagnostiek. “In Nederland is de primaire prikkel behandelen. Ziekenhuizen krijgen pas betaald ná een diagnose. Probeer dus maar eens een businesscase te bouwen voor technologie die de diagnose centraal stelt of zelfs daarvoor al effectief is,” zegt Stéfan Ellenbroek, senior business developer Life Sciences & Health bij InnovationQuarter.

Bovendien, zo legt Stéfan uit, is er een soort kip-ei probleem: je kan alleen diagnosetools op de markt brengen waarvoor al een behandeling bestaat, anders zadel je de patiënt op met een uitzichtloze last. Aan de andere kant kunnen vele behandelingen juist pas effectief worden als je ook precies weet voor wie ze gaan werken en wie niet.

Samen met collega business developer Lonneke Baas neemt Stéfan daarom deel aan een Interreg-project dat zich richt op de ondersteuning van zogenaamde ‘companion diagnostics’ – diagnostiek waarvoor nu al een behandeling beschikbaar is. Binnen dit project – Codex4SMEs – worden ondernemers onder andere ondersteund bij het verkrijgen van weefsels uit biobanken en bij de validatie van hun product. “Ondernemers in de diagnostiek hebben vaak weefsel nodig om hun tool te testen. Maar het aanvragen van menselijk weefsel uit biobanken is een omvangrijke procedure. Dat maken wij makkelijker. Bovendien helpen we bij de technische validatie van een product: klopt het inderdaad dat behandeling X aanslaat bij de patiënt als de diagnostische tool dat heeft uitgewezen?

De computer herkent een agressieve tumor beter dan de radioloog
Bovendien ondersteunt InnovationQuarter Capital ondernemers als Arthur Post Uiterweer, CEO van het Rotterdamse Quantib, door middel van financiering. Softwarebouwer Quantib, een spinoff van het Erasmus MC, kan door middel van radiologie-software aantonen of er bij een patiënt sprake is van normale of abnormale veroudering van de hersenen. Dat gebeurt door MRI-scans digitaal te vergelijken met een dataset van 5000 scans van gezonde hersenen. Het Erasmus MC is als eerste ter wereld begonnen met het structureel monitoren van 5000 gezonde mensen. De unieke database die het EMC daarmee inmiddels heeft opgebouwd, heeft niet alleen talloze publicaties opgeleverd, maar draagt ook bij aan het diagnostisch onderzoek van Quantib.

“Onze computer kan een agressieve tumor nu al beter herkennen dan een radioloog dat kan,” zegt Arthur. “Het voordeel is dat de computer de MRI-scan kan vergelijken met duizenden beelden van een bepaald subtype tumor. Daar kunnen radiologen zonder subspecialistische kennis vaak niet tegenop.”

Wat moet er dan wél gebeuren?
Wil de gezondheidszorg zich kunnen vernieuwen, dan zal de ondernemer beter ondersteund moeten worden, vindt Willemijn Vader. “De focusverschuiving van behandeling naar diagnostiek gaat ons op termijn veel zorgkosten besparen. En toch blijft financiering een uitdaging. Er is in Nederland een enorme terughoudendheid om publiek geld aan te wenden voor het bedrijfsleven. In dialoog met betrokken partijen kunnen we daar hopelijk een goede weg in vinden.”

Arthur ziet het Nederlandse financieringsmodel van de zorg als een van de belemmeringen van innovatie. “We financieren hier met een focus op diagnose en behandeling. In sommige delen van Noord-Amerika wordt er daarentegen outcome-based gefinancierd. Zogenaamde accountable care organizations (ACO’s) zijn daar verantwoordelijk voor de zorg in een regio en krijgen incentives voor het optimaliseren van de triple aim: betere patiëntervaring, betere uitkomsten en lagere kosten. Dan word je dus geprikkeld om te zorgen dat mensen überhaupt niet in het ziekenhuis terechtkomen.” Voorkomen wordt dan dus echt voordeliger dan genezen.

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties