Discriminatie in Rotterdam relatief

4858-discriminatie-in-rotterdam-relatief (Door Hans Roodenburg)

Bijna de helft van de inwoners van Rotterdam heeft een kleurtje (van licht getint tot negroïde), en/of is homoseksueel. Worden zij naar eigen gevoelens gediscrimineerd? Het rapport ‘Ervaren discriminatie in Nederland’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) probeert daarop een antwoord te geven.
Van de ondervraagde migrantengroepen in Nederland (vaak met een kleurtje in het uiterlijk) zegt een derde tot de helft in de afgelopen twaalf maanden discriminatie in openbare ruimte te hebben ervaren.


Het rapport ‘Ervaren discriminatie in Nederland’ van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Tekening bij de inleiding is van Opland.

Een kwart
Relatief gezien valt dat eigenlijk mee, want óók autochtone Nederlanders (ouderen, homo’s, lesbo’s en transgenders), voelen zich soms gediscrimineerd. Een kwart van het totaal aantal inwoners van Nederland meent in de afgelopen twaalf maanden tenminste één voorval te hebben meegemaakt dat zij als discriminerend hebben ervaren.

Discriminatie in Nederland is dan ook relatief. Vroeger, toen Nederland nog niet in grote mate bevolkt werd door ‘allochtonen’ waren het ‘de boeren van buiten de stad’, de analfabeten en de asocialen waar laatdunkend over werd gedaan door de andere bevolkingsgroepen.
En dan hebben we het nog niet over vele andere landen thans waar andere gezindten (ook op huidskleur of geloof) elkaar uitmoorden. De enorme discriminatie die gebeurt tussen stammen, kasten en andere verschillende bevolkingsgroepen, met name in Afrika, Midden Oosten en in een paar Aziatische landen, is vele malen erger in vergelijking met het elkaar onheus – laat daar geen misverstand over bestaan - bejegenen in Rotterdam.

Afname
Ik heb trouwens de indruk dat discriminatie op grond van geloof of huidskleur over een decennium of misschien nog korter sterk zal zijn afgenomen. In de eerste plaats omdat de anders getinte inwoners een steeds groter deel van de bevolking gaan uitmaken maar vooral omdat zij zich, zoals een groot deel van de autochtonen, zullen ontwikkelen en er nauwelijks nog onoverbrugbare verschillen in opleiding, instelling en misschien wel in geloof zullen zijn. Wat wel blijft is discriminatie op grote schaal op basis van leeftijd, analfabetisme, slechte opleiding of gedrag (asocialen).

Daarom geeft het rapport van dr. Iris Andriessen, drs. Henk Fernee en dr. Karin Wittebrood, dat afgelopen week uitkwam, een tijdsbeeld van dit moment. De onderzoekers van het SCP hebben zich gebaseerd op de invulling van vragenlijsten door 12.552 mensen. Daardoor is het wetenschappelijk wel verantwoord geworden.

Leeftijd
In de vragenlijst is van concrete voorvallen nagegaan of men discriminatie heeft ervaren. Zij hadden betrekking op openbare ruimte, uitgaan, contact met instanties, werk zoeken, arbeidsvoorwaarden, de werkvloer en het onderwijs. Kortom een erg breed spectrum.
Een van de hoofdconclusies is dat discriminatie het vaakst wordt ervaren vanwege leeftijd (10 procent van de Nederlandse bevolking) en etnische afkomst (8 procent). Bij de laatsten speelt waarschijnlijk huidskleur een grote rol.
Van de werkzoekende migranten heeft 20 tot 40 procent discriminatie gemerkt bij het zoeken naar een baan. Op de werkvloer en in het onderwijs worden vergelijkbare percentages van gevoelen gerapporteerd. De andere huidskleur ten opzichte van autochtonen blanken zal hierbij wel een rol spelen.
Eventuele twijfelgevallen bij de gediscrimineerde mensen zijn niet meegenomen.

Ouderen
Jongeren ervaren over het algemeen meer discriminatie dan ouderen. Alleen bij het zoeken naar werk is dat andersom.
Zoals al is geconstateerd ervaren migranten (Turken, Marokkanen, Surinamers, Antillianen en Oost-Europeanen) meer discriminatie dan autochtonen. De discriminerende ervaringen zijn hoog bij studenten uit Turkije (één op de drie), uit Marokko (één op de vier) uit Suriname (ruim één op de vijf). Zij denken allen dat zij moeilijker een stageplaats kunnen vinden.

Een andere conclusie: één op de vijf Marokkaans-Nederlandse mannen heeft het gevoel door de politie extra in de gaten te worden gehouden en beschouwt dit als discriminatie. Dat is niet voor niks.

Noord-Afrikanen
Wie het programma Opsporing Verzocht op de tv ziet, ervaart vaak dat ‘Noord-Afrikanen’ de verdachten zijn. Dat heeft uiteraard direct gevolgen voor de rest van de Nederlanders maar ook voor de gekleurde medemens. Vraag eens aan een Turk in Rotterdam wie volgens hem of haar tot de grootste gecriminaliseerde bevolkingsgroepen horen. Dan wijst men op de Marokkanen. Let wel, het gaat hier om het gevoelen. In totaliteit zijn de Marokkanen niet de grootste groep gevangenisklanten. Wél als het gaat om het percentage van hun totale oorspronkelijke Nederlandse afkomst. Het zou best eens kunnen dat die percentages naar elkaar toegroeien.

Migranten uit Midden- en Oost-Europa klagen (het gaat om 15 procent) dat zij minder worden betaald dan collega’s uit Nederland die hetzelfde werk doen.

Rob Timmer :
Heb net Roberto nog gesproken... hij heeft het heel druk met andere zaken maar heeft zeker een mening... :-)

donderdag 30 jan 2014

R.Sörensen :
Goed punt Hans .
Leeft enorm onder de vaak beschuldigde Rotterdammers.
Zelfs Roberto zwijgt (op zich prima natuurlijk)

woensdag 29 jan 2014

R.Sörensen :
Discriminatie? Goh, wat interessant.

maandag 27 jan 2014

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De mooiste gedichten van de wereld 4

50 dichters kiezen hun favoriete gedicht uit de schatkamers van Poetry International en vertellen waarom.

Jana Beranová over Vasko Popa


Een kleine hommage

Het is 1970, het 1e jaar van Poetry International.
Voor vertalingen is nog weinig geregeld. Ik lees
dat mijn landgenoot Miroslav Holub uit het Duits
is vertaald en bel op. Martin Mooij vraagt mij om
te komen. Holub kreeg van het toenmalig regiem
geen uitreisvisum. maar omdat ik ook uit andere
Slavische talen kan vertalen, bevind ik me opeens
tussen de werelddichters.

Eén kijkt me aan met van die droeve wolvenogen.
Ik wist toen nog niet dat wolven een belangrijke
rol speelden in zijn Roemeens-Servische cultuur.
Het is Vasko Popa en hij leest die avond uit
‘Spelen’ voor. Poëzie als spel met ons bestaan.
Ik lees en herlees. Tuimel van verbazing naar
verbazing. Het is Beckett, maar menselijker.
Een stoelpoot die lief gebaart! Ik zie een
keukenstoel. Allicht, fauteuils hebben armen.
Absurd. Een merkwaardige herkenning.

Van het eerste festival is op papier weinig
overgebleven, maar ‘Spelen’ zijn in mijn
vertaling opgenomen in Machine van
woorden (1975), de eerste boekuitgave
van Poetry International.

In 1974, toen hij de wolvengedichten las,
kocht ik voor hem een vaatje haringen – Popa
was dol op Hollandse nieuwe. Bij het afscheid
op Schiphol struikelde ik, het vaatje viel op de
grond en rolde naar hem toe. Hij gaf het een
tik, vaatje rolde terug en ik kon het alsnog
feestelijk overhandigen. Aan het eind van zijn
leven, hoorde ik jaren later, zat hij in winterjas
op een stoel midden in de kamer te wachten
op de dood. Dat was weer een andere stoel.



vertaling: Jana Beranová

Popa was 6x gast op Poetry International


  • Nieuw

  • Reacties