Storm nationale schande voor NS en ProRail

6956-storm-nationale-schande-voor-ns-en-prorail

(Door Jim Postma)

De Nederlandse Spoorwegen (NS), c.q. ProRail hebben vandaag weer grandioos geblunderd in het kader van ‘Regeren is vooruitzien!’ Nadat gisteren uitvoerig was gewaarschuwd door onder meer het KNMI dat de tweede grootste storm binnen enkele weken over ons land zou trekken vandaag met codes oranje en zelfs rood, bleven NS en ProRail op alle fronten in gebreken.

Bij het Centraal Station in Rotterdam waren er hedenmiddag aankondigingen omstreeks 16.00 uur dat er geen enkele trein meer zou rijden naar welke locatie dan ook in ons land.


Reizigers werden aangeraden ZELF te zoeken naar alternatieven, zoals bussen en taxi’s. Zelf gaan lopen zoeken? Terwijl NS en ProRail al een dag van tevoren wisten en aankondigden dat er nog maar mondjesmaat treinen zouden reizen via het spoor. En dan: ‘Zoek het zelf maar even lekker uit!’ Voor tienduizenden reizigers, zo niet honderdduizenden reizigers in ons land.’ Waar blijft in deze dan de improvisatie van onze Nationale Vervoerders. En waar blijven in deze de Kamervragen van deze absoluut nieuwe blunder van de bovenste plank in dit land. Dus de Kamervragen van morgen in deze zoveelste blunderput.

Ns en ProRail hadden dus gisteren al een noodscenario moeten maken met alternatief vervoer voor en met streekbussen bijvoorbeeld. Maar, nee, nul op het rekest. ‘Zoek het zelf maar even uit geachte reiziger!’ Een nationale schande, nogmaals voor de zoveelste keer. Als hier nu niet meteen (morgen) door de Kamer wordt ingegrepen – van nu en nooit meer – is dit land volkomen verloren.

Feiten
Even een aantal feiten op het rijtje via de radio- nieuwsaankondigingen van 17.00 en 18.00 uur. Zo’n 150 onderbrekingen op het spoor (nationaal) via gevallen bomen en of via gebroken bovenleidingen. Ten minste 40 volledige omgevallen bomen op de sporen. Zo’n 66 vrachtwagens (langs sporen of niet) gekanteld. Waarvan de meesten (ook via de van Brienenoordbrug) leeg geladen! En dan begint er nog het gesteggel over schadevergoedingen. Na dergelijke uitvoerige waarschuwingen via KNMI had er een absoluut verbod moeten uitgaan voor zowel vrachtwagens als personenwagens tussen zeg heden 09.00 uur en ten minste tot 13.00 uur. Had deze hele chaos kunnen worden voorkomen.

In plaats dat dus NS en ProRail achteraf het boetekleed hadden moeten aantrekken, vertelden woordvoerders rondom 18.00 uur dat de talloze reizigers maar ZELF voor alternatieven van vervoer moeten zien te zorgen. Dus niet: ‘Er zijn bussen voor uw geregeld, neem nog een kopje koffie op onze kosten in de stations, maar wij ZORGEN ervoor dat u in ieder geval vanavond thuis komt, volgens onze Vervoersplicht.’ Niets daarvan dus, nationale schande nogmaals! Wie ó wie, wordt hier in de Tweede Kamer nu voor eens en altijd wakker van?! Nu wederom eens, maar nooit weer!

Vandaag (donderdag 18 januari) beland ik vanuit mijn woonwijk Provenierswijk (vlak achter het Centraal Station, zie foto hierboven) in het CS zelf. Dat was omstreeks 17.15 uur. Het eerste wat ik hoorde van een vrouwelijke passagier: ‘Er rijdt nu GEEN enkele trein meer.’ Het CS was overladen en zag haast zwart van duizenden gestrande treinpassagiers. Met een hapje, kopje koffie of wat dan ook. Je kon bij wijze van spreken haast over de hoofden heen lopen.

Terroristen
(Wat een prachtig geschenk voor zelfmoord terroristen!). Altijd raak, met zeer velen doden en nog meer gewonden. Godzijdank, het enige voordeel van dit absolute dramatische nadeel, is dat dit niet gebeurd. Maar ook in deze dus (AIVD) geldt voor een volgende keer: ‘Een gewaarschuwd mens telt zeker voor twee). In ieder geval nergens politie of anti-terreureenheden te bekennen. Bij gebrek aan voorzienigheid en vooral door niet op tijd te zorgen voor alternatief vervoer. Zodat de complete NS-ontvangsthal bij ons Rotterdamse CS ten minste voor de helft leeg was geweest…

Om 17.15 uur loop ik dus de ontvangsthal van CS binnen om bij Bruna (achterkant CS) nog een krantje te kopen (Volkskrant en NRC). Bruna ook totaal afgeladen, maar iedereen stond daar te lezen in tijschriften, boeken of wat dan ook. Tot mijn eigen stomme verbazing was ik binnen een minuut aan de beurt. Met nog in mijn achterhoofd de mededeling van die ene dame die zei bij mijn binnenkomst: ‘Er rijdt geen enkele trein meer.’

Tegen de kassajuffrouw zeg ik op dat moment geheel laconiek: ‘Ben ik blij dat ik niet meer hoef te reizen vandaag.’ Zegt een meneer tegen mij, achter mij, van reeds ook in de zestig: ‘Maar ik moet nog helemaal naar Vlissingen!’

Antwoord ik met mijn bekende ‘Knipoog’: ‘O, maar dan pakt u toch lekker snel de helikopter! Die landen hier tegenwoordig op het dak.’

De man, ook zeer gevat. zegt dan: ‘Maar die zijn er is toch alleen maar voor criminelen!’



Proveniersplein achter Centraal station Rotterdam op een rustig moment (Bron foto: Google Streetview).

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Nagekomen Pinksterverhaal

(door Torcque Zaanen)

Er waren eens twee broers. De oudste, een harde werker, fanatieke kerkganger, geen slecht woord over te zeggen. Zijn broer daarentegen zoop als een ketter, hoerde en snoerde, werkschuw, en deed alles wat God (of de priesters) verboden hadden. De oudste broer waarschuwde de jongste dat als hij zo door zou gaan, hij nog eens in de “Hel” zou komen. De jongste lachte hem dan alleen maar uit.

Op een dag was het zover. Na het drinken van z’n laatste borreltje werd de koets geprepareerd om hem naar zijn laatste rustplaats te begeleiden die, gezien zijn levensstijl, niet meer en niet minder dan de “Hel” betekende. Na enkele jaren in de “Hel” doorgebracht te hebben besloot hij op een dag wat verkoeling te zoeken en de benen te strekken. Na een kleine wandeling kwam hij bij een stenen muur die volgens zijn gevoelens weleens de scheiding tussen “Hemel” en “Hel” zou kunnen zijn.

Bij nader onderzoek ontdekte hij zowaar een stoffig raampje. Hij maakte het schoon en toen hij er doorheen kon kijken, kreeg hij bijna een hartstilstand. Het leek het er even op dat hij voor de tweede keer de kraaienmars zou blazen. Want wat zag hij daar, door dat smoezelige raampje... ja, z’n oudste broer, de broer die altijd zo netjes was geweest, hard gewerkt had, altijd trouw naar de kerk ging, die broer stond daar met een bezem in z’n handen, bezweet als een otter de grond te boenen.


Om de aandacht te trekken van z’n broer klopte hij met een rond slingerende bierfles zo hard hij kon op het raampje. Als bij toeval keek zijn broer op om te zien waar dat geklop vandaan kwam en zo keek hij zijn jongere broer in de ogen. Wat een verrassing, ja, hij was er wel blij mee, het was alleen jammer dat de afscheiding ertussen zat.

Ook al ging het moeilijk, ze konden toch nog wat ervaringen uitwisselen. De oudste broer maakte zich ook nu nog zorgen over z’n broertje, maar deze wuifde alle zorgen weg door te zeggen dat hij het enorm getroffen had: ‘al mijn vrienden en vriendinnen zijn hier, de hoertjes, de kroegbaas, ja eigenlijk iedereen en we vermaken ons best, alle drank is gratis, lekker eten en noem maar op, nee ik heb het best naar mijn zin.’

‘Maar tussen twee haakjes, wat doe jij daar in hemelsnaam met een bezem in je handen?’ ‘Nou, ja,...eh, kijk…’ begon z’n oudste broer verlegen, ‘het is hier erg groot en de boel moet schoon gehouden worden. Iemand moet het toch doen.’ ‘Hoe bedoel je, doen die anderen dan helemaal niks?’ De oudste broer keek hem vragend aan: ‘Hoe bedoel je: die anderen, welke anderen?’ ‘Nou gewoon,.. de anderen.’ ‘Nou nee,.... er zijn geen anderen, ik ben hier helemaal alleen.’ En hij nam zijn bezem weer op en veegde rustig door alsof hij zijn hele leven niets anders had gedaan.


  • Nieuw

  • Reacties