Fiscus profiteert wellicht mee van Persprijs Rotterdam

6285-fiscus-profiteert-wellicht-mee-van-persprijs-rotterdam

(Door Hans Roodenburg)

Er zijn inmiddels enkele honderden persprijzen in Nederland te verdienen. Niemand die het aantal overigens bijhoudt. Op Wikipedia is een indicatie te vinden.

Behalve de daarmee gepaard gaande ‘roem’ is er vaak een geldprijs voor journalisten, documentairemakers en auteurs, die varieert van nul euro tot vele duizenden euro’s. Die is mooi meegenomen.

De een (of een groep) steekt het geld in eigen zak, de ander deelt deze met velen uit zijn omgeving door een feestje te geven, een etentje of iets dergelijks. (Op de foto: Frank de Kruif)


Interessant is welke rol de fiscus hierin speelt. In de Belasting Almanak van Elsevier en van de gegevens van de fiscus staat niet duidelijk hoe hiermee om te gaan. Elsevier schrijft in de Belastingalmanak van 2016: ‘Onbelast zijn prijzen die een kunstenaar als persoonlijke eerbetoon worden toegekend voor diens hele oeuvre/werk (of een belangrijk deel daarvan).’ Vervolgens worden vele Nederlandse wetenschapsprijzen genoemd en de Nobel-prijzen.

Daarom maar aan organisator Leo Pronk van de Persprijs Rotterdam én aan juryvoorzitter Saskia Stiveling, oud-president van de Algemene Rekenkamer, gevraagd hoe dat gaat voor de winnaars. Beiden zeiden: ‘Géén idee!’

Over 2016 is op de avond van 9 november de Persprijs Rotterdam toegekend aan Frank de Kruif, voor zijn boek ‘Het Havenschandaal’, de miljoenendans van ondernemer Joep van den Nieuwenhuijzen en haven-topambtenaar Willem Scholten.

Foto hiernaast: Het glasobject, al sinds 2005 verbonden aan de Persprijs Rotterdam, voor het gezicht van Frank de Kruif.

Namens de redactie van Rotterdam Vandaag & Morgen felicitaties aan hem.

Frank de Kruif zegt over de fiscale kwestie: ,,Daar ga ik mij nú in verdiepen.’’ De Persprijs Rotterdam is een glasobject en een bedrag van 5000 euro.

De grote vraag is dus wat auteurs/journalisten met de geldprijs ten opzichte van de fiscus doen. Het is zoals de gehele wetgeving over de inkomstenbelasting een individuele zaak.

Als zij het als een oeuvreprijs beschouwen, dan staat het fiscale gelijk volgens de Belastingalmanak aan hun kant en hoeven ze de geldprijs niet op te geven.

De cruciale vraag is zijn journalisten, auteurs en documentairemakers ook ‘kunstenaars’?

Zijn het echter ‘neveninkomsten’ – zoals bij gewone werknemers of zzp’ers - dan zouden ze die na aftrek van de door hen te maken kosten moeten opgeven. Wij vermoeden dat maar weinig journalisten hun persprijs aan de fiscus melden.

Of dat terecht is of niet laten we maar aan de belastinginspecteur over die overigens vaak pas in actie komt als hij (of zij) vermoedens heeft van nalatigheden.

Maar de belastinginspecteur kan in de publiciteit zo nagaan wie een geldprijs en welke heeft gewonnen. Roem en een geldbedrag gaan vaak samen. In het uiterste geval indien iemand onder het zwaarste tarief voor de inkomstenbelasting valt, raakt de winnaar ongeveer de helft aan de Belastingdienst kwijt als hij of zij geen aftrekposten heeft in de nevenverdiensten.

Volgens organisator Leo Pronk komen vele freelancers en jonge nog beginnende werknemer bij media vaak niet aan dit inkomen. Dus is voor hen is de fiscale belasting veel lager als zij het opgeven.

Leo Pronk, oud-hoofdredacteur van het Rotterdams Dagblad, is begaan met het lot van freelancers.

De tarieven van deze vaak zzp’ers staan steeds meer onder druk. Vorig jaar zei hij al: ,,Je moet al die jongere collega’s de kost geven die voor een habbekrats in de weer zijn op de freelancemarkt. Daar word je echt niet vrolijk van.’’

De voor de elfde keer uitgereikte Persprijs Rotterdam 2016 voor Frank de Kruif was volgens juryvoorzitter Saskia Stuiveling ‘resultaat van nauwgezet speurwerk en stilistisch meesterschap’.

Er waren 22 inzendingen van vooral freelance journalistiek onderzoek. Op 23 november 2015 stond er al een recensie op onze website over het boek ‘Het Havenschandaal’.

Naast Saskia J. Stuiveling bestond de jury van Persprijs Rotterdam uit Maria Heiden (oud-boekhandelaar), Kees Weeda (oud-secretaris Raad voor Cultuur), Henk Dam (oud-hoofdredacteur/directeur GPD) en Wim van Krimpen (oud-directeur Haags Gemeentemuseum en Kunsthal).

Rinus Vuik :
Komt dit rechtstreeks over?

donderdag 10 nov 2016

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Leve onze grote vriend ‘Den Dood’


De zon komt op, op en op. En duikt weer onder.
Al miljarden jaren lang. De zon is eeuwig.
De zon komt op, op en op en duikt weer onder.
Al biljoenen jaren lang. Onze zon is oneindig.

Alleen wij stervelingen
– zij die sterven gaan, groeten U -
leven
geen fractie met duizenden nullen
achter de komma van een seconde.

Zelfs de arme eendagsvlinder
is stukken beter af dan wij.

Na zo’n kleine honderd jaar (in mensenjaren)
is ons leven op. Op is op, nietwaar?
In een flits van een gebroken zonnestraal.

Voor ‘Den Dood’ hoeft niemand meer te vrezen.
Onze ‘Vriend Den Dood’ is de grote bevrijder
van onze aardse, soms helse, kommer en kwel.

Het is ‘Mister en Missis Ouderdom’
die wij moeten vrezen.
Zo geniepig, zo snel,
met al hun gebreken en pijnen.
Geen ontsnappen aan. Voor rijk noch arm.

Hoe ouder en ouder, hoe stokouder,
hoe groter onze angsten.
Om tenslotte als verscheurd perkamentpapier
te verschrompelen
onder die schijnbare meedogenloze,
harteloze koperen ploert.

De mens komt op, op en op.
En duikt weer onder.
Een mensenleven lang.

Zie onze bevrijder.
Leve onze grote vriend ‘Den Dood’.


Jim Postma


  • Nieuw

  • Reacties