Studenten decoreren met afval school

7008-studenten-decoreren-met-afval-school

De Willem de Kooning Academie aan de Wijnhaven zit vol creatief talent. Studenten van verschillende opleidingen hebben hun handen ineengeslagen om met “afval” hun school te decoreren. De kunstwerken zijn te bewonderen op 23 februari om 19.00 uur tijdens een borrel. Tevens is hier gelegenheid om te netwerken en vragen te stellen aan de kunstenaars.

Het initiatief komt van de onderneming Get Rid, ook opgezet door studenten van de Willem de Kooning Academie die zich inzetten voor meer hergebruik van materialen onder studenten. “Vuilnis is prachtig! De rode draad door alle opleidingen van onze academie is duurzaamheid. We krijgen veel lessen over de waarde duurzaamheid doorvoeren in verschillende concepten en producten, dus waarom maken we niks voor onze eigen school?” vertelt een van de zes studenten uit Get Rid.

“Het is leuk dat we iets kunnen betekenen voor onze school en zo die tastbare bewustwording kunnen maken voor onze school” zegt een student die druk bezig is een ontwerp te maken voor een kunstwerk. Op 21 en 22 februari is er ruimte voor de studenten om aan de gang te gaan met de afval en op 22 februari om 19.00 uur is er om te vieren een borrel en een tentoonstelling. De tentoonstelling is ook open voor publiek en kost 2 euro per persoon. Op de borrel is er kans om met de studenten in gesprek te gaan en te netwerken. Het adres van de school is Blaak 10 in Rotterdam en de borrel vindt plaats in de kantine waar de kunstwerken uiteindelijk komen te staan.

De Willem de Kooning Academie aan Blaak 10, een Rijksmonument (Bron foto: Wikipedia)

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Nagekomen Pinksterverhaal

(door Torcque Zaanen)

Er waren eens twee broers. De oudste, een harde werker, fanatieke kerkganger, geen slecht woord over te zeggen. Zijn broer daarentegen zoop als een ketter, hoerde en snoerde, werkschuw, en deed alles wat God (of de priesters) verboden hadden. De oudste broer waarschuwde de jongste dat als hij zo door zou gaan, hij nog eens in de “Hel” zou komen. De jongste lachte hem dan alleen maar uit.

Op een dag was het zover. Na het drinken van z’n laatste borreltje werd de koets geprepareerd om hem naar zijn laatste rustplaats te begeleiden die, gezien zijn levensstijl, niet meer en niet minder dan de “Hel” betekende. Na enkele jaren in de “Hel” doorgebracht te hebben besloot hij op een dag wat verkoeling te zoeken en de benen te strekken. Na een kleine wandeling kwam hij bij een stenen muur die volgens zijn gevoelens weleens de scheiding tussen “Hemel” en “Hel” zou kunnen zijn.

Bij nader onderzoek ontdekte hij zowaar een stoffig raampje. Hij maakte het schoon en toen hij er doorheen kon kijken, kreeg hij bijna een hartstilstand. Het leek het er even op dat hij voor de tweede keer de kraaienmars zou blazen. Want wat zag hij daar, door dat smoezelige raampje... ja, z’n oudste broer, de broer die altijd zo netjes was geweest, hard gewerkt had, altijd trouw naar de kerk ging, die broer stond daar met een bezem in z’n handen, bezweet als een otter de grond te boenen.


Om de aandacht te trekken van z’n broer klopte hij met een rond slingerende bierfles zo hard hij kon op het raampje. Als bij toeval keek zijn broer op om te zien waar dat geklop vandaan kwam en zo keek hij zijn jongere broer in de ogen. Wat een verrassing, ja, hij was er wel blij mee, het was alleen jammer dat de afscheiding ertussen zat.

Ook al ging het moeilijk, ze konden toch nog wat ervaringen uitwisselen. De oudste broer maakte zich ook nu nog zorgen over z’n broertje, maar deze wuifde alle zorgen weg door te zeggen dat hij het enorm getroffen had: ‘al mijn vrienden en vriendinnen zijn hier, de hoertjes, de kroegbaas, ja eigenlijk iedereen en we vermaken ons best, alle drank is gratis, lekker eten en noem maar op, nee ik heb het best naar mijn zin.’

‘Maar tussen twee haakjes, wat doe jij daar in hemelsnaam met een bezem in je handen?’ ‘Nou, ja,...eh, kijk…’ begon z’n oudste broer verlegen, ‘het is hier erg groot en de boel moet schoon gehouden worden. Iemand moet het toch doen.’ ‘Hoe bedoel je, doen die anderen dan helemaal niks?’ De oudste broer keek hem vragend aan: ‘Hoe bedoel je: die anderen, welke anderen?’ ‘Nou gewoon,.. de anderen.’ ‘Nou nee,.... er zijn geen anderen, ik ben hier helemaal alleen.’ En hij nam zijn bezem weer op en veegde rustig door alsof hij zijn hele leven niets anders had gedaan.


  • Nieuw

  • Reacties