Kunstgalerie annex ‘kapsalon’

Er is een nieuwe wet in de maak waarbij het is toegestaan om bij de kapper een glaasje wijn te mogen drinken. Hoera!

In de eerste plaats denk je dan ‘waar bemoeit die overheid zich wederom mee?’ Het is al een lange tijd de gewoonte bij de wat meer chique kapsalons een wijntje of wat dan ook te schenken. Service voor de klanten, nietwaar. En o zo feestelijk. Uitgezonderd bij de thans vele moslimkappers. Waar dit hele onderwerp wat gevoeliger ligt. Daar zijn natuurlijk alleen wat Koranwijntjes toegestaan tussen de kappersgebeden in. En in die zin zeer terecht.


Ik ken veel oude kledingzaken waar ze nog ouderwetse maatpakken maken, waarbij je als goede klant zelf een keus mag maken uit de ‘drankkast’. Prima toch. Terwijl je wacht: ‘Ha fijn, ha fijn, een borrel van Floryn.’

Maar diezelfde overheid wil (of is reeds bezig) om het alcohol drinken in kunstgaleries te verbieden. Laatst is daarvoor een galerie-eigenaar gearresteerd omdat hij het in zijn bol kreeg om een wijntje te schenken voor zijn gasten tijdens de opening van een expositie.

Kan het nog gekker met deze constante overheidsbetutteling? (Terrassen rookvrij, maar niet de Botlek…).

Een glaasje bier of een wijntje hoort al sinds jaar en dag bij elke kunstenaarsexpositie-opening, nietwaar?

Gratie
En nu mag je bij de gratie van de overheid (de nieuwe wet moet nog worden aangenomen, hoewel er reeds een meerderheid voor is in de Tweede Kamer) wel een glaasje wijn drinken bij je oude en vertrouwde kapper. Zeker goed voor het bekende ‘praatje-pot’ en niet vergeten de fantastische roddels over de buurvrouw en andere kappersklanten. Is toch smullen geblazen.

In dit kader gezien moeten er in mijn ogen ook nieuwe wetten komen voor alcoholversnaperingen bij de dokter (‘u heeft nog drie maanden te leven’) en zeker ook bij je tandarts. Na elke getrokken kies een heerlijk cognacje ter compensatie. Ga je vanzelf weer lachen als een boer zonder kiespijn.

Bij onze doodgravers – in plaats van die rotte koffie en flauwe cake – is dit gelukkig al het geval. Menig maal hebben wij reeds het glas mogen heffen op de ‘gezondheid, proost’ van onze overledene.

Voor onze kunstbroeders en zusters heb ik reeds op persoonlijke titel een ‘escape’ gemaakt tegen deze zoveelste betutteling.

Maak van je kunstgalerie tevens een kapsalon! Zet daarvoor symbolisch een mooie grote (liefst kunstzinnige) fauteuil in het midden van je galerie. Leg daar wat scheerapparaten, kammen en scharen bij. En ‘hupsakee’ je glaasje wijn tintelt als een engeltje op je tong in je vertrouwde kunstgalerie. Weer geheel legitiem.

À la votre!

Jim Postma


Jan Tak :
Q: "van bil gaan is eigenlijk echt iets voor de COC gangers"
Ach Arie dat is een ouderwets idee, COC staat voor "Cultuur- en Ontspannings Centrum" en was juist bedoeld als een neutrale benaming voor een vereniging van liefhebbers van andere genotsgrot.
Inmiddels is de doelgroep uitgebreid met allen die niet aan een recht "op-en-neer" doen en waarvan wij het bestaan lange tijd nooit hebben geweten, alleen geitenwippers hebben hun eigen vereniging.


Maar dan een drankje in de handel, ik kwam vroeger (als Spangenees) bij een kapper op het Zwaanshals (dacht hoek Soetendaalsekade) op de andere hoek zat een cafe en vaste prik was 's middags dat de klanten om beurten trecteerden en met een dienblad naar de overkant liepen.
Berengezellig probleem was alleen dat de kapper ook mee dronk en je altijd moest afwachten wat het knipresultaat was, of het ook weleens mis ging weet ik niet.

Een drankje moet kunnen zolang het een geste is en geen verkoop, volgens mij kreeg ik vroeger bij Maria Heiden ook al een wijntje

zaterdag 09 jun 2018

Rinus Vuik :
Arie, ik bedoelde niet rotzooien met collega's, maar 'gezellig'bezig zijn met de partner.Dat kan ook hoor!

zaterdag 09 jun 2018

Arie C. Torcque Zaanen :
Ik weet het niet zo nou Rinus, als de door jou bedoelde door gebrek aan gewicht omhoog gevallen politieke pluche zitters van bil gaan met een kolega worden ze van de grasmat geflikkerd (dat van bil gaan is eigenlijk echt iets voor de COC gangers)

vrijdag 08 jun 2018

Rinus Vuik :
Ik bedoel eigenlijk te zeggen: Dit land wordt naar de klote geholpen.Hopelijk maak ik het einde niet mee!Heb ik goede kans op, gezien mijn leeftijd, maar ik heb medelijden met hen na mij!

vrijdag 08 jun 2018

Rinus Vuik :
Amen!Het wordt door de overheid bijna onmogelijk gemaakt om plezierig te leven.
Welke azijnpissers,mislukkelingen, zijn constant bezig om het ons, Nederlanders, het leven zo zuur als maar kan te maken!Niet raar opkijken als het aantal zelfmoorden gaat stijgen!De Nederlandse politici zouden een beter huwelijk moeten hebben, regelmatig van bil gaan, en met een opgewekt gevoel hun ambt bekleden.Alleen dan komen ze niet tot die idiote verordeningen.Dus dames..werk aan de winkel...voor het goede doel: Een leefbaar Nederland!

vrijdag 08 jun 2018

Arie C. Torcque Zaanen :
Knippen aan de tap en exposities in het achterzaaltje, een glaasje "Madaira my dear" dat is toch veel beter dan bier. meer mensen in de kroeg en iedereen tevreden. komen de mensen iedere dag naar de tentoonstelling en niet zoals zovaak alleen bij de opening om een biertje of glaasje wijn te pakken.

vrijdag 08 jun 2018

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De kluts kwijt


Je zou ze de kost moeten geven die gedurende

deze enorme hittegolven de kluts zijn kwijt

geraakt. Waarvan recentelijk weer ondergetekende.


In de bloedhitte ben ik op zoek naar een

Kringloopwinkel in het dorp Oude-Tonge. Daar

buiten, midden in natuurgebied en boerenland,

bivakkeer ik vaak om de hitte in de stad te ontvluchten.


Hoewel, zo ontdek je al snel van stad naar platteland:

‘Vluchten kan niet meer.’


Afijn. Een keer had ik daar jaren geleden in dit vriendelijke

dorpje een matras gekocht voor mijn buitenhuisje.

Maar nu kon ik de tweedehands-winkel niet meer

direct terugvinden.


Geheel de weg kwijt stopte ik mijn oude bestelwagentje

langs de kant van de weg, toevallig in de buurt van

een autogarage. Zo’n vijftig meter daar vandaan.


De goedlachse automonteur wees mij onmiddellijk

de goede richting. Namelijk naar de volgende rotonde.

Ik had mij dus eenvoudig vergist. Omdat de monteur

mijn auto niet zag, vroeg hij: ‘Bent u lopend?! Het is nog

wel zo’n driekwart kilometer hier vandaan?’


Geruststellend antwoord ik hem: ‘Nee, mijn wagen

staat wat verder op. Ik was alleen even de kluts kwijt.’


Op dat moment loopt de monteur naar een van de

auto’s en vraagt met een ‘big smile’: ‘Zo, u was de kluts

kwijt, hè? Nou, dan heeft u geluk. Heb er hier nog eentje

liggen voor een goedkoop prijsje. Hoeft u ook niet meer

naar de Kringloopwinkel.’’


Jim Postma


  • Nieuw

  • Reacties