KOPSTOOT

De expositie

De expositie

Het doet ons groot plezier
u uit te nodigen
voor onze nieuwe expositie

Er valt het nodige te zien!

Een foto van Amaryllis, uw eerste vrouw
naakt
met een ijzeren masker op

Een foto van Flox, uw tweede vrouw
naakt
met het dodenmasker op van een Hopi

& een foto van uw huidige vrouw Jantientje
doodgewoon naakt
bijtend in een Mongoolse perzik

Zondag is vrij masturberen

Bezoek ook onze beeldentuin !


MKN

Lees verder

Huis aan de Straatweg

Huis aan de Straatweg Alle meubels hebben plastic smetvrees hier en alle koffiekopjes vallen uitsluitend omhoog [...]

Knipoog gaat veranderen

Knipoog gaat veranderen De ‘Knipoog’ zoals u die gewend bent gaat veranderen. Vanaf heden zullen in dit ‘kad[...]

Doe het zelf


Doe het zelf Thuis klussen vergt alleen wat zweten Doe-het-zelvers voelen dat zo aan Vandaar dat mannen er[...]

Wie mag naar WK-finale

Wie mag naar WK-finale Het moest weer eens met penalty's gebeuren Al had men er nog uren achteraan geplakt geen tea[...]

Bijtertje (3)


Bijterje (3) Man bijt hond is nieuws, dat gaat naar voren, leerden wij heel vroeger bij de krant Maar man [...]

Bijtertje (2)

Bijtertje (2) Suárez zei weer dat niets hem speet Ook niet ‘t contact met die Italiaan ‘ik viel tegen[...]

Bijtertje

Bijtertje Opnieuw heeft Luis ’n mens gebeten Als Drakula met veel geweld Dwaalt Suárez over ’t voetba[...]

Spanjolen terug naar huis


Spanjolen terug naar huis De Spanjolen terug naar hun zon Binnen een week waren we klaar En niet als vroeg[...]

'Schaduw over Qatar'

'Schaduw over Qatar' Het lijkt een filmtitel over die kleine staat Maar schaduw is er mooi nooit in Qatar [...]

Rutte's Europa

Rutte’s Europa ‘Europa krijgt straks slechts vijf taken’ zei de eerste minister in de krant daarmee [...]

Social media

KOPSTOOT

Nagekomen Pinksterverhaal

(door Torcque Zaanen)

Er waren eens twee broers. De oudste, een harde werker, fanatieke kerkganger, geen slecht woord over te zeggen. Zijn broer daarentegen zoop als een ketter, hoerde en snoerde, werkschuw, en deed alles wat God (of de priesters) verboden hadden. De oudste broer waarschuwde de jongste dat als hij zo door zou gaan, hij nog eens in de “Hel” zou komen. De jongste lachte hem dan alleen maar uit.

Op een dag was het zover. Na het drinken van z’n laatste borreltje werd de koets geprepareerd om hem naar zijn laatste rustplaats te begeleiden die, gezien zijn levensstijl, niet meer en niet minder dan de “Hel” betekende. Na enkele jaren in de “Hel” doorgebracht te hebben besloot hij op een dag wat verkoeling te zoeken en de benen te strekken. Na een kleine wandeling kwam hij bij een stenen muur die volgens zijn gevoelens weleens de scheiding tussen “Hemel” en “Hel” zou kunnen zijn.

Bij nader onderzoek ontdekte hij zowaar een stoffig raampje. Hij maakte het schoon en toen hij er doorheen kon kijken, kreeg hij bijna een hartstilstand. Het leek het er even op dat hij voor de tweede keer de kraaienmars zou blazen. Want wat zag hij daar, door dat smoezelige raampje... ja, z’n oudste broer, de broer die altijd zo netjes was geweest, hard gewerkt had, altijd trouw naar de kerk ging, die broer stond daar met een bezem in z’n handen, bezweet als een otter de grond te boenen.


Om de aandacht te trekken van z’n broer klopte hij met een rond slingerende bierfles zo hard hij kon op het raampje. Als bij toeval keek zijn broer op om te zien waar dat geklop vandaan kwam en zo keek hij zijn jongere broer in de ogen. Wat een verrassing, ja, hij was er wel blij mee, het was alleen jammer dat de afscheiding ertussen zat.

Ook al ging het moeilijk, ze konden toch nog wat ervaringen uitwisselen. De oudste broer maakte zich ook nu nog zorgen over z’n broertje, maar deze wuifde alle zorgen weg door te zeggen dat hij het enorm getroffen had: ‘al mijn vrienden en vriendinnen zijn hier, de hoertjes, de kroegbaas, ja eigenlijk iedereen en we vermaken ons best, alle drank is gratis, lekker eten en noem maar op, nee ik heb het best naar mijn zin.’

‘Maar tussen twee haakjes, wat doe jij daar in hemelsnaam met een bezem in je handen?’ ‘Nou, ja,...eh, kijk…’ begon z’n oudste broer verlegen, ‘het is hier erg groot en de boel moet schoon gehouden worden. Iemand moet het toch doen.’ ‘Hoe bedoel je, doen die anderen dan helemaal niks?’ De oudste broer keek hem vragend aan: ‘Hoe bedoel je: die anderen, welke anderen?’ ‘Nou gewoon,.. de anderen.’ ‘Nou nee,.... er zijn geen anderen, ik ben hier helemaal alleen.’ En hij nam zijn bezem weer op en veegde rustig door alsof hij zijn hele leven niets anders had gedaan.


  • Nieuw

  • Reacties