Vincent Van Gogh door Julian Schnabel

7917-vincent-van-gogh-door-julian-schnabel (Door Ronald Glasbergen)

‘Aan de poort van de eeuwigheid’, ‘At Eternity’s Gate’, is de titel van de nieuwe speelfilm van schilder–cineast Julian Schnabel. De film gaat over Vincent van Gogh en is gemaakt vanuit het gezichtspunt, van de schilder Van Gogh. Het filmverhaal gaat over de laatste, zeer productieve, periode van diens leven.

Het is wennen aan het begin: de subjectieve blik van de schilder, weergegeven door de handhold camera. Waarom beweegt het beeld zo? Kijken we plotseling naar de toppen van de bomen? Het beeld is vaak een beetje flets. Tegenovergesteld aan de verwachting.

De fletsheid ligt ook aan de tijd van het jaar, het is herfst, winter, in het zuiden van Frankrijk. Het gaat filmer Julian Schnabel nooit lukken, is de verwachting. Dit soort beelden waren misschien goed voor de ‘Blair Witch Project’ maar niet hier. Niet voor de verfilming van een schilder waarover de clichés aan elkaar geregen vijftien keer de aarde omspannen. Met dit soort beelden jaag je mensen de zaal uit.


Gauguin
Een kleine oudere dame op de voorste rij stapt op, gaat naar de uitgang. De dame mist de vergadering van kunstschilders in een Parijse kroeg. De schilder Paul Gauguin fulmineert er tegen de bureaucratie en bekrompenheid van zijn schilderende collega’s. Vincent van Gogh kijkt op de achtergrond toe.

Gauguin wordt gespeeld door Oscar Isaac. Hij was eerder de folksinger in ‘Inside Llewyn Davis’ van de Coen brothers en zette sterk Abel Morales neer in ‘A Most Violent Year’. Het is een acteur die lijden kan, maar hier hoeft hij dat niet.

De Van Gogh van Willem Dafoe heeft al het lijden uit de wereld al op zich genomen. Hij zuigt het op als een accu, als een spons. Om er wanhoop, gekte en visioenen van te maken die dan weer de motor zijn voor zijn verbluffend vernieuwende schilderstaal. Dat is de these die schilder Julian Schnabel poneert omtrent Vincent van Gogh.

Van Gogh-Dafoe weet dat hij lijdt en waarvoor hij lijdt. Hij weet dat hij een beetje op Christus lijkt, die ook pas dertig jaar na zijn dood wat meer bekendheid kreeg. Dat horen we uit de mond van Van Gogh als hij weer in een psychiatrisch hospice is opgenomen. Daar in het ‘gekkenhuis’ wordt de camera van Schnabel parallel aan de gemoedstoestand van Van Gogh, stil. Het kader is rustig, beweegt kalm, misschien wel normaal.

Theo
Dit is al de derde keer dat de schilder opgenomen is in zo’n psychiatrisch ziekenhuis. Deze keer is zijn oor er af. Hij heeft het zelf afgesneden omdat zijn vriend, zijn schildersbiechtvader Gauguin teruggaat naar Parijs. Vincent wilde niet opnieuw alleen, zonder zielsverwant zijn.

Misschien kan hij alleen langer samen zijn met zijn broer, zijn broer Theo. Die wordt gespeeld door acteur Ruper Friend van hem weten we uit de TV serie ‘Homeland’ dat hij lijden kan. Hier lijdt hij alleen om zijn broer.

Van Gogh / Dafoe spreekt in het gekkenhuis met een priester. Die wordt gespeeld door Mads Mikkelsen. Ook die kan lijden weten we onder meer uit ‘Jagten‘ van Thomas Vinterberg uit 2012. Hij heeft iets gekwelds in zijn gelaat. Moeders ontfermen zich over hem en het maakt hem geschikt voor de rol van priester.

Het gelaat en de persoon van Willem Dafoe hebben diezelfde eigenschappen in overtreffende trap Dafoe is wat ouder –van Gogh werd 37- maar de melancholie en het lijdzame van dat gezicht in de film maken alles aannemelijk. Dat is waarom filmer-schilder Schnabel juist hem kiest als Vincent. Dat is waarom Lars von Trier - op zijn manier ook een soort Van Gogh – juist hem vraagt voor hoofdrollen in films zoals 'Antichrist' uit 2009.

Je zou denken dat het allemaal te veel wordt. Erbij komt nog de bevlogen muziek van Tatiana Lisovskaya die soms doet denken aan Debussy , soms aan Arvo Pärt. Maar Julian Schnabel beteugelt zijn paarden, houdt ze onder controle en geeft ze de juiste dosis hartstocht mee. Hij gebruikt de brieven en de gekkenhuisperioden als pauzes in de hektiek van zijn biografie. Soms leest de Van Gogh van Dafoe zelf voor uit zijn eigen brieven. Het beeld gaat dan op zwart, je hoort alleen de stem van schilder, van Willem Dafoe. En dan begint het circus van het Franse plattelandsleven opnieuw.

De schilder en zijn model
Point-of-View van Gogh: schilderend buiten, in de stilte van de natuur. Komt een groep schoolkinderen langs. Ze gooien zijn schilderskist om. Hun onderwijzeres geeft nog een sneer naar de schilder. Later in de straten van Arles bekogelen ze, de kinderen, hem met stenen. Zijn schilderijen verkopen niet. Vincent lijdt en schildert voor de eeuwigheid. Zijn broer Theo is zijn poortwachter. En kinderen zullen uiteindelijk zijn dood worden.

In 2016 worden nog nieuwe tekeningen van Vincent van Gogh ontdekt, zo vertelt de film. Die bewuste tekeningen zijn volgens experts vervalsingen. Het maakt voor de film niet uit. De film is geen forensisch of kunsthistorisch rapport. De film schildert anno 2019 een krachtig en geloofwaardig portret van een schilder en zijn omgeving.

Het is niet alweer een film over Vincent van Gogh. Geen soort edelkitsch. De filmer en zijn protagonist lijken ‘cinematographe’ en ‘modèle’ in de zin van Robert Bresson. De regisseur probeert Van Gogh niet te verfilmen en de hoofdrolspeler is niet aan het acteren. Ze proberen samen een andere werkelijkheid te scheppen. Zo wordt Willem Dafoe een geloofwaardige Vincent.

Die dame die na het begin de zaal uitging heeft dus een hoop gemist.

‘At Eternity’s Gate’ van Julian Schnabel uit 2018 draait vanaf begin februari in de bioscopen

Foto's © Filmdepot.

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De sloopkogels van de Internationale

(door Kees Versteeg)


De brand in de Notre-Dame deed me ineens terugdenken aan de Koninginnekerk. Gesloopt in 1971. Hij stond aan de Boezemsingel in Crooswijk. In de verkiezing Mooiste Gesloopte Kerk kwam de Koninginnekerk als winnaar uit de bus.


D
e brand in de Notre-Dame is een ongeluk. Binnen een dag is 700 miljoen euro verzameld voor de wederopbouw. De sloop van de Koninginnekerk was daarentegen een geplande politieke misdaad.

De toenmalige PvdA-burgemeester Thomassen was een warm voorstander van de sloop. Er moest op die plek een niet-confessioneel bejaardenhuis komen. De sloop van de kerk riep in 1971 veel verzet op. Tegenstanders zeiden: ‘Wat de nazi’s lieten staan, dat gaat er nu wel aan.’

De linkse raad won. De sloop werd doorgezet. Er hangt een portret van Thomassen en zijn vrouw An in het Rijksmuseum. Misschien is de tijd nu rijp om er een bordje bij te zetten.

Met de tekst: ‘In de tijd dat Thomassen burgemeester was van Rotterdam, ontwikkelde de stad zich tot wereldhaven nummer één. Daarnaast was Thomassen ook een kopstuk in de politieke misdaad. Op de plaats waar ooit de Koninginnekerk stond, verhief hij Judas tot bouwmeester en noemde dat verheffing van het volk.’




  • Nieuw

  • Reacties