Grollen van een beer.

7906-grollen-van-een-beer (Door Alek Dabrowski)

Ter nagedachtenis aan Jim Postma

Jim Postma is niet meer. Hij behoorde tot een van de monumenten uit het Rotterdamse krantenbedrijf. Ik kende hem vroeger slechts van naam en uit de verte. Hij leefde en werkte op het snijpunt van literatuur en journalistiek. Zijn beroepsmatige, maar niet onvrijwillige cafébezoek droeg bij aan het arsenaal aan verhalen dat hij altijd bij zich droeg.

De laatste jaren zag ik hem met enige regelmaat. Voor Rotterdam Vandaag & Morgen schreef ik een paar columns over het caféleven in Rotterdam. Al snel werd ik tot de redactie toegelaten. Vergaderen deed de redactie niet. Wel vroeg Jim de redactieleden om geregeld met elkaar het glas te heffen, bijvoorbeeld tijdens de nieuwjaarsbijeenkomsten bij hem thuis. Daar moest je wel met lege maag verschijnen, want de hele benedenwoning was voorzien van schalen met een grote diversiteit aan hapjes. Tegen de dorst was er eveneens voldoende ingekocht. Aan het einde van de avond bleef een selecte groep van acht mannen en één vrouw over. Gezeten aan de grote tafel tapten we luidkeels moppen. Jim hoefde zijn stem niet te verheffen. Wanneer hij begon te praten, viel de gemeente vanzelf stil. De Beer sprak. Ik luisterde ademloos naar zijn verhalen, waarvan ik pas na afloop besefte dat ik ze al eerder had gehoord. Dat maakte de magie er niet minder om.

Jim had de eigenschap overal gastheer te kunnen zijn. Ik tipte hem eens voor een borrel, ergens in het Rotterdamse. Toen ik aankwam, was hij al helemaal geïnstalleerd. Terwijl hij mij een glas aanreikte, ontving hij de bezoekers alsof hij zelf de gastheer was. Even later stonden we in de bekende kring. Grappen & grollen gingen over en weer. Wijn en pils waren gratis aan de bar te verkrijgen.

Dit jaar bezocht ik in de Doelen de Nieuwjaarsreceptie van Poetry International. Ik stapte de ruimte binnen en kreeg onmiddellijk een glas in de handen geduwd, van een lachende Jim. Later volgde het officiële programma. Nadat de programmeurs van Poetry en de burgemeester hun verhalen hadden afgestoken betrad Jim het podium. Dit stond duidelijk niet in de draaiboeken. Alsof hij aan de toog stond, begon hij een verhaal. Het bleek een mop van Bijbelse proporties. Hoog en groot als een beer stond Jim boven ons. Ik zag de menigte splijten. De ene helft van de aanwezigen, waaronder de meisjes van de organisatie, verstarde; de andere helft begon breeduit te grinniken.

1 februari was de laatste keer dat ik Jim zag. Er stond een redactieborrel gepland, aan de Oude Binnenweg. Het was in café Rotterdam, de hoek om bij Timmer… Uiteraard was het gewoon Timmer waar geborreld werd. Wie van de redactieleden was erin getrapt? Jim, ik geef toe, ook ik was even Timmer voorbij gelopen.

Jim Postma heb ik slechts een paar jaar gekend, veel te kort. Zijn warmte, zijn verhalen en zijn grappen & grollen zal ik missen. Hij was een beer, een goedaardige beer.

Alek Dabrowski

Op de foto: Feline Streekstra en Jim tijdens van de nieuwjaarsreceptie van Poetry in de Doelen. (Foto: Wim de Boek)

Hans Waasdorp :
De leraar met de sleutel tot vele oplossingen is niet meer. Voor Jim waren er geen omheiningen, als die er waren wist hij die te omzeilen of sprong er gewoon overheen met plotseling en origineel instinct voor vrijheid! De man had een niet omkoopbare werklust, en er was iedere keer weer een soort van hergeboorte. Was dit zijn laatste gevecht een zelf gewilde dood? Met zijn manier van leven wist hij natuurlijk zelf ook wel dat hij geen honderd zou worden. In zijn laatste gedicht maakt hij onmiskenbaar duidelijk hoe hij de toekomst ziet .Ieder mens met een gezond verstand zal hem daarin gelijk geven. Hij was/is een ziener die alles op zijn klompen aan voelde komen. Was dit je laatste sprong ? R.I.P.Jim

donderdag 14 feb 2019

Jana Beranová :
De krant (papieren en later digitaal) is opgericht door Geert-Jan Laan en Jim Postma en heet al ruim tien jaar 'Rotterdam Vandaag & Morgen' (R V & M), Hans.

Het eerste nummer, eigenlijk het 0-nummer, verscheen als augustus & september 2008. Groet, Jana

donderdag 14 feb 2019

Hans Roodenburg :
Jan Tak: Haha. Dat is de kat op het spek binden. Maar goed dat Jim dat niet heeft geweten. Toen (in 1976) lustte hij volgens mij al een alcoholisch drankje. Het werd steeds erger. Ik kon er ook wel wat van. En Geert-Jan Laan, een van de oprichters van Vandaag & Morgen Rotterdam. Vergaderingen hadden we met Jim, GJ en ik altijd - op voorstel van Jim - in de kroeg. Inmiddels bestaat Vandaag & Morgen Rotterdam inmiddels al ruim tien jaar.

donderdag 14 feb 2019

Alek Dabrowski :
Ja, ik begreep dat de borrel begon in café 'Oude Binnenweg'. Ik kon pas om 5 uur aanschuiven. Toen zat het gezelschap in Timmer, en niet in het spookcafé Rotterdam, waar ik eerst nog even (tegen beter weten in) naar op zoek ging.

donderdag 14 feb 2019

Jan Tak :
Mooi verwoord Alek, Jim ten voeten uit, een beer met een klein hartje.

Zelf ken ik Jim nog niet al te lang...… of eigenlijk wellicht het langst van ons allemaal nl. sinds 1976 toen wij beiden werkten voor de bouwcombinatie ANDOC, ik als toezichthouder en Jim die, als chroniqueur van de sleep van de grootste betonconstructie ooit over water vervoerd, met de slepers meevoer naar Stavanger.
Wat hij eigenlijk nooit heeft geweten is dat wij 8 jerrycans sterke drank in die constructie hadden verborgen, bij deze alsnog Jim.

Overigens de laatste borrel waarvoor ook jij was uitgenodigd was in café "Oude Binnenweg" naast Timmer waar het gezelschap als gewoonlijk toch weer eindigde.

donderdag 14 feb 2019

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De mooiste gedichten van de wereld 4

50 dichters kiezen hun favoriete gedicht uit de schatkamers van Poetry International en vertellen waarom.

Jana Beranová over Vasko Popa


Een kleine hommage

Het is 1970, het 1e jaar van Poetry International.
Voor vertalingen is nog weinig geregeld. Ik lees
dat mijn landgenoot Miroslav Holub uit het Duits
is vertaald en bel op. Martin Mooij vraagt mij om
te komen. Holub kreeg van het toenmalig regiem
geen uitreisvisum. maar omdat ik ook uit andere
Slavische talen kan vertalen, bevind ik me opeens
tussen de werelddichters.

Eén kijkt me aan met van die droeve wolvenogen.
Ik wist toen nog niet dat wolven een belangrijke
rol speelden in zijn Roemeens-Servische cultuur.
Het is Vasko Popa en hij leest die avond uit
‘Spelen’ voor. Poëzie als spel met ons bestaan.
Ik lees en herlees. Tuimel van verbazing naar
verbazing. Het is Beckett, maar menselijker.
Een stoelpoot die lief gebaart! Ik zie een
keukenstoel. Allicht, fauteuils hebben armen.
Absurd. Een merkwaardige herkenning.

Van het eerste festival is op papier weinig
overgebleven, maar ‘Spelen’ zijn in mijn
vertaling opgenomen in Machine van
woorden (1975), de eerste boekuitgave
van Poetry International.

In 1974, toen hij de wolvengedichten las,
kocht ik voor hem een vaatje haringen – Popa
was dol op Hollandse nieuwe. Bij het afscheid
op Schiphol struikelde ik, het vaatje viel op de
grond en rolde naar hem toe. Hij gaf het een
tik, vaatje rolde terug en ik kon het alsnog
feestelijk overhandigen. Aan het eind van zijn
leven, hoorde ik jaren later, zat hij in winterjas
op een stoel midden in de kamer te wachten
op de dood. Dat was weer een andere stoel.



vertaling: Jana Beranová

Popa was 6x gast op Poetry International


  • Nieuw

  • Reacties