Linéa Recta: Farmacie maakt het bont

6490-lin-a-recta-farmacie-maakt-het-bont (Door Frank Drion)

Linéa Recta: Farmacie maakt het bont

De fabrikanten hebben de slechte naam, zij verhogen de prijzen met tientallen procenten! Dat vinden wij asociaal. En terecht. De club van apothekers spreekt er schande van. Mensen moeten bijbetalen en laten de medicijnen links liggen. Maar is het u opgevallen dat de apothekers van hetzelfde niveau zijn? Zij doen het alleen subtieler. Van de ene op de andere dag is het hele assortiment medicijnen van leverancier A naar leverancier B verhuisd. Zonder enig overleg of verklaring. Desgevraagd volgt de mededeling: zelfde werking.

-Zo komt splinter door de winter- is het devies

Zou dat zijn omdat het medicijn B een stuk beter werkt? Welnee, het levert gewoon meer op. Het verdienmodel van de apothekers is aangepast in hun voordeel. Dat geldt ook voor de heffingen die ze in rekening mogen brengen. Heel subtiel wordt er een heffing ingesteld voor het ‘terhandstelling- en begeleidingsgesprek’ a € 13,12 bij een nieuwe uitgifte van een medicijn. Daarbij wordt nauwelijks een woord gewisseld. Of voor een ‘vervolguitgifte’ a € 6,60 van een bestaand medicijn dat overigens maar € 1,60 kost. Hoe krijg je het verzonnen. Zo kom je aan omzet. Het is helaas zo afgesproken. Maar het werkt wel mee aan een nog snellere stijging van het toch al te hoge eigen risico. Met alle gevolgen van dien. Deze manier van werken zou toch voor Tweede Kamerleden aanleiding moeten zijn om met de nieuwe minister van volksgezondheid een hartig woordje te wisselen. De demissionaire heeft dit onderwerp er door laten glippen. Of het past in de definitie ‘marktwerking’. Een nieuw kabinet moet wellicht toch ons ‘prachtige’ zorgstelsel eens flink door elkaar schudden, lijkt me. Voor verbeteringen hoef je niet aan te kloppen bij de zorgverzekeraars, die maken zich alleen zorgen om eigen voortbestaan. En werken mee om o.a. met hun tarieven het Havenziekenhuis om zeep helpen. Overigens blijf ik van mening dat de dijken versterkt moeten worden.

frank@drion.info

Jeroen Waardenburg. :
Hebben de mensen het nou nog niet door dat de zogenaamde zorgverzekeraars apothekers en de farmacie een grote criminele bende is met dank de plakkende pluche jongens en meiden uit Den Haag ,zij noemen zich volksvertegenwoordigers of regering.

woensdag 26 apr 2017

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Nagekomen Pinksterverhaal

(door Torcque Zaanen)

Er waren eens twee broers. De oudste, een harde werker, fanatieke kerkganger, geen slecht woord over te zeggen. Zijn broer daarentegen zoop als een ketter, hoerde en snoerde, werkschuw, en deed alles wat God (of de priesters) verboden hadden. De oudste broer waarschuwde de jongste dat als hij zo door zou gaan, hij nog eens in de “Hel” zou komen. De jongste lachte hem dan alleen maar uit.

Op een dag was het zover. Na het drinken van z’n laatste borreltje werd de koets geprepareerd om hem naar zijn laatste rustplaats te begeleiden die, gezien zijn levensstijl, niet meer en niet minder dan de “Hel” betekende. Na enkele jaren in de “Hel” doorgebracht te hebben besloot hij op een dag wat verkoeling te zoeken en de benen te strekken. Na een kleine wandeling kwam hij bij een stenen muur die volgens zijn gevoelens weleens de scheiding tussen “Hemel” en “Hel” zou kunnen zijn.

Bij nader onderzoek ontdekte hij zowaar een stoffig raampje. Hij maakte het schoon en toen hij er doorheen kon kijken, kreeg hij bijna een hartstilstand. Het leek het er even op dat hij voor de tweede keer de kraaienmars zou blazen. Want wat zag hij daar, door dat smoezelige raampje... ja, z’n oudste broer, de broer die altijd zo netjes was geweest, hard gewerkt had, altijd trouw naar de kerk ging, die broer stond daar met een bezem in z’n handen, bezweet als een otter de grond te boenen.


Om de aandacht te trekken van z’n broer klopte hij met een rond slingerende bierfles zo hard hij kon op het raampje. Als bij toeval keek zijn broer op om te zien waar dat geklop vandaan kwam en zo keek hij zijn jongere broer in de ogen. Wat een verrassing, ja, hij was er wel blij mee, het was alleen jammer dat de afscheiding ertussen zat.

Ook al ging het moeilijk, ze konden toch nog wat ervaringen uitwisselen. De oudste broer maakte zich ook nu nog zorgen over z’n broertje, maar deze wuifde alle zorgen weg door te zeggen dat hij het enorm getroffen had: ‘al mijn vrienden en vriendinnen zijn hier, de hoertjes, de kroegbaas, ja eigenlijk iedereen en we vermaken ons best, alle drank is gratis, lekker eten en noem maar op, nee ik heb het best naar mijn zin.’

‘Maar tussen twee haakjes, wat doe jij daar in hemelsnaam met een bezem in je handen?’ ‘Nou, ja,...eh, kijk…’ begon z’n oudste broer verlegen, ‘het is hier erg groot en de boel moet schoon gehouden worden. Iemand moet het toch doen.’ ‘Hoe bedoel je, doen die anderen dan helemaal niks?’ De oudste broer keek hem vragend aan: ‘Hoe bedoel je: die anderen, welke anderen?’ ‘Nou gewoon,.. de anderen.’ ‘Nou nee,.... er zijn geen anderen, ik ben hier helemaal alleen.’ En hij nam zijn bezem weer op en veegde rustig door alsof hij zijn hele leven niets anders had gedaan.


  • Nieuw

  • Reacties