De prooi… van een bacterie! (2)

4753-de-prooi-van-een-bacterie-2 (Door ManuelKneepkens)

Manuel Kneepkens volgt de tv-serie 'De Prooi'. Zijn gedachten gaan vervolgens een eindje terug in de tijd. Het eerste deel van deze korte serie verscheen afgelopen dinsdag.

(vervolg van deel 1)

Versie een: Wellink was die dag met zijn vriendin Joyce in Noordwijk naar het strand geweest. Toen hij eindelijk bij de studentenpastorie arriveerde, bleek de drank op! En stond iedereen op het punt, al dan niet aangeschoten, naar huis te gaan. Nout had volgens eigen zeggen die dag nog geen druppel gedronken. En inmiddels grote dorst gekregen, want het was een warme, zeer warme zomerdag.
Maar geen nood. De abactis I (plechtige naam voor secretaris) Hanneke had haar kamer aan de Vliet, het grachtje dat precies tegenover de Studentenpastorie in het Rapenburg uitkomt. En op die kamer stond nog een volle fles rode wijn, zo deelde zij mee. Die mocht Nout gaan ophalen.

Om daar te komen, zou Nout Wellink normaliter een klein stukje naar rechts moeten lopen, de brug tegenover het Academiegebouw oversteken, en dan zo’n vijftig meter links aan de overkant van het Rapenburg terug naar de Vliet.
Maar de brug was in reparatie. Het middenstuk was weg. De toegang was met een ijzeren hek afgesloten.

Het Rapenburg in Leiden speelt op een zeker moment een akelige rol in het leven van Nout Wellink.

Je zou dus een gigantische omweg moeten maken via de volgende brug, tenzij… je natuurlijk het Rapenburg zou overzwemmen.
Naakt in het Rapenburg springen gebeurde met enige regelmaat door luidruchtige, dronken corpsleden… maar ja, die waren van god los. En aan de Heilige Maagd Maria hadden die types ook al geen boodschap! Nout Wellink daarentegen was een kuise katholieke jongen. Dat die zomaar op klaarlichte dag publiekelijk en geheel uit de kleren zou gaan, was uitgesloten.
Maar… Nout had onder zijn kleren zijn Noordwijkse zwembroek nog aan. Hij kon zich dus rustig uitkleden zonder zijn piemel aan onbescheiden blikken bloot te stellen en in het water springen.

Tweede versie: Het Augustinus bestuur begeeft zich, inclusief Nout Wellink op de terugweg naar het ’Eigen Huis’. Zo heette het onderkomen van Augustinus, gevestigd op Rapenburg 24. En zo heet het nu nog.
Niet alleen de brug over de gracht, maar ook heel het straatdek aan de rechterkrant van het Rapenburg was op dat moment opgebroken. Er lag bij wijze van trottoir een smalle plank op het mulle zand. Nout Wellink beweerde – althans zo gaat deze versie – dat hij blindelings het Eigen Huis kon bereiken. Dit zou hij bewijzen door met de ogen dicht het plankier te volgen.
Men wedde met hem om een fles wijn dat hij dat niet kon.

Maar helaas, het plankier maakte onverwacht een bocht richting gracht. En voor zijn medebestuurleden het in de gaten hadden, bleek de toekomstige president van de Nederlandse Bank in het water gevallen.
Dat was in eerste instantie natuurlijk reden tot vrolijkheid. Altijd leuk het slapstick-leed van een ander. Het Rapenburg is niet diep. Je kunt er onmogelijk in verdrinken. Niets aan de hand, dus.
Daarin vergiste men zich.

Beide versies zijn het in elk geval ééns over wat er vervolgens gebeurde.
Eenmaal te water stiet Nout Wellink zijn knie open aan een van de vele fietswrakken die daar op de bodem van het Rapenburg liggen te wachten op het einde der tijden.

(Wordt vervolgd)

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De mooiste gedichten van de wereld 2

50 dichters kiezen hun favoriete gedicht uit de schatkamers van Poetry International en vertellen waarom.

Kira Wuck over ‘Vallen’ van Homero Aridjis.


vertaling: Mariolein Sabarte Belacortu


  • Nieuw

  • Reacties