Ome Cor en het verzet

Samen met enkele van mijn maten, allen ‘babyboomers’, zitten wij op het terras van Melief Bender de oorlogsjarenverhalen door te nemen. Ooit verteld door onze ouders. Vooral over de meidagen. Zo zegt mijn goede vriend Hans: ,,Vertel mij nou niks over dat heldhaftige verzet in die tijd. Ja, eind 1944, toen de moffen de oorlog hadden verloren, zat plotseling iedereen in het verzet!’’



Onwillekeurig moest ik daarbij denken aan ‘Ome Cor’ die de afgelopen 40 jaar trouw zijn borreltjes kwam drinken in café Melief. De allerbeste klant met gemiddeld twee á drie jenevertjes per dag. Een rekensom leerde ons al snel dat hij in al die tijd zo’n 25.000 borreltjes in dit café had genuttigd…

Van hem was verder bekend dat hij jarenlang in de ‘Knokploeg van Rotterdam-Zuid’ had gezeten, destijds een notoire verzetshaard.

Op een dag komt er een man van in de zeventig aan de bar zitten in de stamkroeg van ome Cor. De man zegt tussen neus en lippen door: ,,Ik heb in het verzet gezeten, zwaar in het verzet!’’


Als door een slang gebeten kijkt de kleine Cor met priemende ogen zijn leeftijdgenoot aan en zegt venijnig: ,,Zo, meneer heeft dus in het verzet gezeten. En nog wel zwáár in het verzet… Kan meneer dan vertellen wat hij zo al in dat zware verzet heeft gedaan?!’’

De man zet zijn bierglas op de bar, loopt rood aan en begint te stamelen: ,,Nou, op de fiets hè,… Ja, rijdend over de Maasbruggen…, ja, boodschappen overbrengen.’’

Hij kijkt daarbij met een schuin oog naar Cor om te zien of zijn ‘zware verzet’ in goede aarde was gevallen. Maar de ware verzetsman beloont hem met hoongelach en puur cynisme.

Cor nog nahikkend: ,,Meneer van het zware verzet heeft boodschappen overgebracht! Zeker van de kruidenier, hè. Ha,ha!’’


De man schrompelt ineen, veegt het zweet van zijn voorhoofd, betaalt zijn biertje en loopt met hangende schouders de zaak uit.

Bij Melief is hij nooit meer teruggezien.


Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

De sloopkogels van de Internationale

(door Kees Versteeg)


De brand in de Notre-Dame deed me ineens terugdenken aan de Koninginnekerk. Gesloopt in 1971. Hij stond aan de Boezemsingel in Crooswijk. In de verkiezing Mooiste Gesloopte Kerk kwam de Koninginnekerk als winnaar uit de bus.


D
e brand in de Notre-Dame is een ongeluk. Binnen een dag is 700 miljoen euro verzameld voor de wederopbouw. De sloop van de Koninginnekerk was daarentegen een geplande politieke misdaad.

De toenmalige PvdA-burgemeester Thomassen was een warm voorstander van de sloop. Er moest op die plek een niet-confessioneel bejaardenhuis komen. De sloop van de kerk riep in 1971 veel verzet op. Tegenstanders zeiden: ‘Wat de nazi’s lieten staan, dat gaat er nu wel aan.’

De linkse raad won. De sloop werd doorgezet. Er hangt een portret van Thomassen en zijn vrouw An in het Rijksmuseum. Misschien is de tijd nu rijp om er een bordje bij te zetten.

Met de tekst: ‘In de tijd dat Thomassen burgemeester was van Rotterdam, ontwikkelde de stad zich tot wereldhaven nummer één. Daarnaast was Thomassen ook een kopstuk in de politieke misdaad. Op de plaats waar ooit de Koninginnekerk stond, verhief hij Judas tot bouwmeester en noemde dat verheffing van het volk.’




  • Nieuw

  • Reacties