Sluit het Anne Frankhuis maar

7710-sluit-het-anne-frankhuis-maar (Door Ronald Sörensen)

Het Anne Frankhuis is vernieuwd en geldt volkomen terecht als een baken tegen onverdraagzaamheid. Het verschrikkelijke leed dat Joden en andere groepen tijdens de tweede wereldoorlog is aangedaan wordt hier heel duidelijk. In de beklemmende ruimtes waar twee families een paar jaar in angst hebben doorgebracht tot die angst werd bewaarheid, voel je nog de wanhoop en machteloosheid. Hun uiteindelijke lot is bij het binnentreden al uit de doeken gedaan. Het bestaan van dit monument is heel belangrijk en het roept op tot: Nooit meer antisemitisme en nooit meer onverdraagzaamheid! Een belangrijke vingerwijzing voor een betere toekomst.

Op mijn bridgeclub zit een dame van Joodse afkomst. Na het spel wees ik haar op de Davidster die ze droeg en we kletsten over de dubbele betekenis van dat symbool. Ze vertelde me ook dat in haar kringen het dragen van een Davidster in Amsterdam wordt afgeraden. Scheldpartijen en zelfs bedreigingen zijn haar Joodse kennissen ten deel gevallen.

Op het internet is te zien hoe een man met een Israëlische vlag op de Dam wordt bespuwd. Een andere Joodse Amsterdammer vertelt dat hij zijn keppeltje slechts onder een pet durft te dragen en dat een deel van zijn familie al naar Israël is geëmigreerd in verband met de veranderde situatie in zijn stad. Israël omringd door vijandige staten is voor hen veiliger dan de hoofdstad. Voor Joodse instellingen en zelfs voor Joodse scholen staat bewaking. Iedereen weet hoe het zo ver gekomen is, maar niemand durft in de hoofdstad zijn mening openlijk te ventileren, zelfs niet in het Anne Frankhuis.

Het is toch niet zo moeilijk? Iedereen weet dat het antisemitisme in Europa een religieuze component heeft gehad. Pontius Pilatus waste zijn handen in onschuld en de Joden namen zijn schuld aan de kruisiging van Jezus over (Mattheüs 27) Pas tijdens het tweede Vaticaans concilie (1966) werden de Joden door de Rooms Katholieke kerk van schuld vrijgesproken.

Stel, dat ik Joden zou uitmaken voor apen, zwijnen of ezels en hen als onbetrouwbaar en diefachtig zou beschrijven: Sterker zou zeggen dat ze gedood mogen worden. Nederland zou heel terecht diep verontwaardigd zijn en ik zou ongetwijfeld voor de rechter gesleept worden. Toch zijn die beledigingen en bedreigingen allemaal te vinden in het boek dat centraal staat in de Islamitische scholen. Waaruit geciteerd wordt in moskeeën en dat door moslims als Allah’s onherroepelijke boodschap aan de mensheid wordt gezien (soera´s 2:65, 5:64, 9:30 en 7:166 etc)

Waarom mogen we van deugend Nederland niet wijzen op deze oorzaak van antisemitisme bij de aanhangers van Mohammed?

Want hoe is het anders te verklaren, dat mensen die eigenlijk nooit te maken hebben gehad met Joden en nog nimmer een negatieve ervaring met hen hebben gehad toch zo antisemitisch kunnen zijn? Zouden ze niet gewoon praktiseren wat hen aangeleerd is?

Lolbroek Joep van het Hek heeft heel openlijk gezegd geen grappen over de islam te maken uit angst voor geweld. Homo stelletjes durven niet meer uit te komen voor hun geaardheid , omdat ze dan geïntimideerd, bedreigd en zelfs mishandeld worden door licht getinte jongeren.

In de stad waar het openlijk dragen van Joodse symbolen een probleem is geworden, wil de burgemeester het ultieme symbool van islamitische vrouwenonderdrukking: de boerka, ondanks een wettelijk verbod niet verbieden. Handhaven hoort volgens haar niet bij de prioriteit van de stad Amsterdam. De boerka klaarblijkelijk dus wel!

Als de boerka past bij Amsterdam, past het Anne Frankhuis er dan ook? Misschien moet mevrouw de burgemeester een keertje langs gaan. Niet om een lintje te knippen, maar om de boodschap die daar verkondigd wordt tot zich door te laten dringen.

Deze column werd ook geplaatst op Dagblad010

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties