Ze zijn er nog

6823-ze-zijn-er-nog (Door Ronald Sörensen)

In afwachting van een concert in de Laurenskerk gingen Nel en ik iets drinken en eten. Bij het afrekenen zag ik dat er een fout in de rekening was gemaakt. Ik had vier Bokbiertjes gedronken i.p.v. de drie die erop stonden. Toen ik de ober op zijn fout attendeerde prees hij mijn eerlijkheid en zei: “Dat kom je niet vaak meer tegen”: Ik ontkende het.

Verleden week woensdag liepen Nel en ik door het altijd weer heerlijke, kneuterige Zierikzee, waar de geschiedenis op straat ligt, geen hoogbouw is en de mensen elkaar nog vriendelijk groeten.

Nel kocht een paarse jurk en ik kocht– wars van het met mijn vrouw kleren kopen - twee broodjes kroket, die we later op een bank voor de HEMA opaten. Toen we op de parkeerplaats aankwamen bemerkte Nel, dat ze haar tasje niet meer bij zich had. Dan slaat de schrik je om het hart, want in het dat tasje zat haar hele “hebbe en houwe”: Portemonnee, telefoontje, pinkaarten, rijbewijs, o.v. jaarkaart, Rotterdampas etc. wat een ellende als je dat kwijt bent. Alles blokkeren, naar de politie, alles opnieuw aanvragen kortom : Gruwelijke ellende.

Snel terug naar het centrum, waar ik in de dubbel geparkeerde auto bleef zitten en Nel naar de winkel ging, waar ze het laatst met haar pinpas betaald. Na een kwartier (gevoelsmatig een uur) kwam ze terug zwaaiend met haar tasje: Blij en gelukkig met iets dat we al hadden. Ik knipperde met mijn licht en knuffelde haar even, toen ze in de auto stapte: Mijn boze bui was 180 graden gedraaid. Ik kreeg te horen, wat er in dat uur van een kwartier gebeurd was.

In de kledingzaak was geen tasje te zien, maar toen Nel in de snackbar van de HEMA vroeg of er iets gevonden was, kreeg ze het hoopgevende antwoord, dat iemand iets had willen afgeven, maar dat ze die doorverwezen hadden naar de serviceafdeling een paar deuren verder.

Daar aangekomen stonden natuurlijk klanten in de rij, maar mijn anders altijd zo bescheiden Nel drong in haar (wan)hoop voor en vroeg of er iets afgeven was: Ja dus, het tasje.

Toen ze het kreeg, keerde ze zich naar de wachtenden en de mevrouw achter de balie en verontschuldigde zich voor haar voordringgedrag met de woorden: ”Alles zit er in,” waarop de dame van de klantenservice enigszins verontwaardigd zei: “Natuurlijk zit alles er nog in!” Verbouwereerd vergat Nel te vragen of de eerlijke vinder misschien een naam had achtergelaten en verliet de zaak om mij in haar vreugde te laten delen. Pas aangekomen in ons huisje realiseerden we ons dat we niet wisten wie ons zo gelukkig had gemaakt.

Hopelijk plaatst de PZC mijn ingezonden brief en komen we te weten wie het is. Een Bokbiertje of een glas wijn is het minste dat ik naast onze dank kan aanbieden.

Jeroen Waardenburg. :
Ze zijn er nog ....... ja ook in Rotterdam niet iedereen is zo verrot als wel is wordt gedacht.

vrijdag 17 nov 2017

Hans Roodenburg :
In mijn dorp komt dat ook nog voor. Toen ik een keer mijn pasje bij de auto verloor, wees een andere automobilist mij erop dat hij dat op de grond zag liggen... Anders was ik weggereden. Slechts enkelingen drukken dat achterover. In de stad zal dat veel meer zijn, asociale blanken en af en toe allochtonen. Ojé, dat laatste woord mag ik niet meer gebruiken.

vrijdag 17 nov 2017

Schrijf uw reactie








Type de code over: