Onverstoorbaar liegen

6565-onverstoorbaar-liegen (Door Ronald Sörensen)

Op Vers Beton (alleen lezen als je werkelijk helemaal niets te doen hebt) schrijft Van Heemst iets over onverstoorbaarheid in de politiek. Op zich wel een aardig onderwerp, maar zoals te doen gebruikelijk met zijn stukjes, eenzijdig, slecht geïnformeerd en tendentieus.

Nu kan ik daar wel op reageren, maar de redactie van V.B. censureert me. Niet omdat ik scheld of beledig, maar omdat ik een andere mening heb. Dat valt bij deug- c.q. goedmensen altijd verkeerd. De reden om de Leefbaar Rotterdammer te censureren is snel gevonden. Ik denk dat mijn aansporing aan de hoofdredactrice om – na een gruwelijk “leve de multiculti” stukje – volgende keer een stukje over haar cavia te schrijven de deur dicht deed. Ex docent HBO-TVWO-VWO-HAVO-MAVO met vele onderwijsbevoegdheden die 32 jaar een deel van de Rotterdamse jeugd de grondbeginselen van de geschiedenis en de biologie heeft bij gebracht wordt gecensureerd door objectieve en onafhankelijke redactie.

Het stukje van Van Heemst ((vanaf nu vH) begint met de vraag wat te doen tegen politieke zuigers, treiteraars en moddergooiers.

Ruiterlijk bekend hij ooit iemand voor eikel te hebben uitgemaakt (mij!), maar toen hij door de voorzitter werd gemaand dat zoiets niet kon, bood hij zijn excuus aan.

In werkelijkheid zei ik direct, dat hij dat woord niet terug hoefde te nemen omdat ik het uit zijn mond niet als beledigend ervaarde. Pas toen één van zijn fractieleden Tom Harreman zich openlijk distantieerde van zijn fractievoorzitter (Peter lag toch al niet goed ) maakte hij excuses. Niet nodig dus.

De slechterikken en treiteraars zitten vooral in de SP en Leefbaar Rotterdam hoek natuurlijk. Ze fluisteren en maken geluiden die de spreker ontregelen: Foei. Nu vergeet vH bij zijn beschuldiging, dat zijn club rondom het spreekgestoelte zit en dus ongemerkt kan sissen en fluisteren, maar als een L. R. fractielid dat wil doen hij of zij een halve raadzaal moet overbruggen. Fluisteren kan dus eenvoudigweg niet! De voorzitter zal direct ingrijpen.

Uiteindelijk komt vH tot zijn uiteindelijke doel. Aboutaleb is het prototype van de man die onverstoorbaar de slechtste bejegeningen over zich heen laat komen en zelfs zo genereus is de man die hem het meest geschoffeerd heeft (ik) onverwacht de hand te reiken.

Wat vH echter niet weet of verzwijgt is het feit dat Aboutaleb en ik al een maand daarvoor het eerste contact hadden op het ministerie van SZ in Den Haag waar onze latere burgemeester toen nog staatssecretaris was. Dat gesprek liep aanvankelijk zeer stroef. Ik nam het hem o.a. kwalijk Fortuyn en Auschwitz in één zin te hebben genoemd. Goed vond ik zijn opmerking dat etnisch religieuze solidariteit fnuikend voor onze samenleving is. Gespreksstof te over dus. Toen Aboutaleb dus zijn hand naar mij uitstak, kwam dat niet echt als een verrassing.

Eén van de redenen, dat ik Aboutaleb accepteerde was het feit – Marco Pastors attendeerde me erop – dat Fortuyn over de Auschwitz opmerking zijn schouders had opgehaald.

En nu ik het toch over Pim heb. Hij bleef onverstoorbaar toen hij in de raad door Meijer (GL) Cornelisse (SP) en vele partijgenoten van vH diep werd beledigd. Hij was het ultieme voorbeeld van iemand die zijn zuigers, treiteraars, moddergooiers (krijg Aids in je darkroom) trotseerde en zich zo ver boven hen verheven toonde.

Maar ja, Fortuyn noemen?


Foto credit: M.M.Minderhoud

Jeroen Waardenburg. :
Het stuk van R.Sörensen is de realiteit betreft Vers Beton.Het is het links fascisten internetkrantje Groen Links en D66 gekkies zijn daar helemaal thuis het zijn echte democraten van het gehalte Noord Korea ze zouden goed passen in deze fantastische heilstaat.En het ratje van Heemst is daar ook nog actief op VB tja een rat hoort ook in het riool.

Inderdaad zonde van de tijd om je op dat VB te begeven schoolkrant gehalte is het ook nog een keer.
Maar of politieke figuren echt luisteren de eerste moet nog geboren worden;ze luisteren zo goed naar het volk dat we nog steeds geen regering hebben.En de verkiezingsuitslag was toch heel duidelijk.

Vooruit maar weer nu maar een lekker BIERTJE.

woensdag 21 jun 2017

Mary Olman :
Goed stuk! Hr Sörensen heb ik persoonlijk ontmoet. Een van de weinige politici die echt luisterde en je probeerde te helpen. Op dit moment zou ik hem zeker willen benaderen voor een stichting maar naar wat ik begrepen heb , is hij niet meer actief in dd politiek. vH ook ontmoet in verleden maar mindere ervaring....

woensdag 21 jun 2017

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Nagekomen Pinksterverhaal

(door Torcque Zaanen)

Er waren eens twee broers. De oudste, een harde werker, fanatieke kerkganger, geen slecht woord over te zeggen. Zijn broer daarentegen zoop als een ketter, hoerde en snoerde, werkschuw, en deed alles wat God (of de priesters) verboden hadden. De oudste broer waarschuwde de jongste dat als hij zo door zou gaan, hij nog eens in de “Hel” zou komen. De jongste lachte hem dan alleen maar uit.

Op een dag was het zover. Na het drinken van z’n laatste borreltje werd de koets geprepareerd om hem naar zijn laatste rustplaats te begeleiden die, gezien zijn levensstijl, niet meer en niet minder dan de “Hel” betekende. Na enkele jaren in de “Hel” doorgebracht te hebben besloot hij op een dag wat verkoeling te zoeken en de benen te strekken. Na een kleine wandeling kwam hij bij een stenen muur die volgens zijn gevoelens weleens de scheiding tussen “Hemel” en “Hel” zou kunnen zijn.

Bij nader onderzoek ontdekte hij zowaar een stoffig raampje. Hij maakte het schoon en toen hij er doorheen kon kijken, kreeg hij bijna een hartstilstand. Het leek het er even op dat hij voor de tweede keer de kraaienmars zou blazen. Want wat zag hij daar, door dat smoezelige raampje... ja, z’n oudste broer, de broer die altijd zo netjes was geweest, hard gewerkt had, altijd trouw naar de kerk ging, die broer stond daar met een bezem in z’n handen, bezweet als een otter de grond te boenen.


Om de aandacht te trekken van z’n broer klopte hij met een rond slingerende bierfles zo hard hij kon op het raampje. Als bij toeval keek zijn broer op om te zien waar dat geklop vandaan kwam en zo keek hij zijn jongere broer in de ogen. Wat een verrassing, ja, hij was er wel blij mee, het was alleen jammer dat de afscheiding ertussen zat.

Ook al ging het moeilijk, ze konden toch nog wat ervaringen uitwisselen. De oudste broer maakte zich ook nu nog zorgen over z’n broertje, maar deze wuifde alle zorgen weg door te zeggen dat hij het enorm getroffen had: ‘al mijn vrienden en vriendinnen zijn hier, de hoertjes, de kroegbaas, ja eigenlijk iedereen en we vermaken ons best, alle drank is gratis, lekker eten en noem maar op, nee ik heb het best naar mijn zin.’

‘Maar tussen twee haakjes, wat doe jij daar in hemelsnaam met een bezem in je handen?’ ‘Nou, ja,...eh, kijk…’ begon z’n oudste broer verlegen, ‘het is hier erg groot en de boel moet schoon gehouden worden. Iemand moet het toch doen.’ ‘Hoe bedoel je, doen die anderen dan helemaal niks?’ De oudste broer keek hem vragend aan: ‘Hoe bedoel je: die anderen, welke anderen?’ ‘Nou gewoon,.. de anderen.’ ‘Nou nee,.... er zijn geen anderen, ik ben hier helemaal alleen.’ En hij nam zijn bezem weer op en veegde rustig door alsof hij zijn hele leven niets anders had gedaan.


  • Nieuw

  • Reacties