Luiers

6311-luiers (Door Cory Gryn)

Er is een gezegde: ,,Men begint en eindigt in de luiers”. Door de jaren heen kan ik dat helaas niet anders dan beamen. Zo staande voor het schap van de luiers bij ons in de toko snap ik waarom die kleintjes tegenwoordig slechts met moeite zindelijk te krijgen zijn.

Die luiers zijn allemaal ‘comfortabel droog’, rekken aan alle kanten mee , hebben een gelvormende laag, kortom: die kleine spruiten voelen amper dat ze een plas of meer hebben gedaan. Vind je het gek dat ze het zo ongeveer tot hun zesde in hun ‘broek doen’?

Wíj kregen vroeger zo’n katoenen geval om: als je het slecht trof, had je moeder óók nog eens een fikse dot stijfsel gebruikt. Schuurde je halve kont open als je een plas gedaan had. Nou, je liet het wel uit je hersens om tot je derde niet op het potje te gaan!

Maar nu lopen ze vaak tot ze naar de basisschool gaan in van die luierbroekjes. Tegelijk met een fopspeen. Oók zoiets. In het verleden eens een radeloze moeder in de winkel gehad wiens kind in groep 2 zat, en absoluut niet zonder z’n ‘flop’ kon. Die werd me daar een partij uitgelachen door de klasgenootjes!

Dan krijgen de meisjes vervolgens te maken met het fenomeen maandverband. Zo’n veertig jaar lang, elke vier weken heb je die krengen nodig. Ze zijn er in allerlei lengtes, diktes en met of zonder parfum. Los verpakt in plastic zakken, elk apart verpakt in leuke zakjes, met of zonder strikje.

Ook de tampons zijn er heden ten dage in veel verschillende vormen. Mét en zonder inbrenghuls, met vleugels, spiraalvormige groeven en eventueel een buitenlaag van zijde…

Heren, er gaat een wereld voor u open als u zich hier eens in zou verdiepen! En dan klagen sommige van jullie dat ze zich elke dag moeten scheren.

Ik zou zeggen: “Effe ruilen voor een maandje of zes?” Persoonlijk denk ik dat, als alle mannen ter wereld een half jaar de perikelen van ‘de maandstonde’ mee moesten maken, er nergens ter wereld meer oorlog was.

Nee, al die mannen lagen kreunend en kronkelend dagenlang op bed! De hele economie lag plat! De maatschappij werd in dat halve jaar door vrouwen gedragen. Misschien werd het dan tóch een iets betere wereld… Geintje!

En na dat halve jaar zouden ze ook nog in de overgang moeten! Want dat is wat ons vrouwen daarná te wachten staat: de hele dag door zweten als een gek, óók in de winter. Zó veel water over je giechel dat andere mensen vragen of je staat te huilen. Je plas niet op kunnen houden als je lacht, hoest, niest of snuit.

Want dat is het laatste soort luier wat je als vrouw in huis moet hebben: het incontinentieverband. Tegenwoordig te koop in allerlei variaties: mét en zonder vleugels (ik raad die zonder vleugels aan: of je moet gelijk onthaard willen worden bij het uitnemen van het gebruikte verband…), mét en zonder parfum (heb ik nooit begrepen: degenen die een enorme plas niet op kunnen houden ruik je van verre. Daar doet een geurtje in je slip niks tegen!) en allerlei diktes en lengtes.

Maar één troost dames: ook de heren kunnen te maken krijgen met incontinentie. Niet dat dat leuk is, maar dan hebben wij toch een béétje zoiets van: hèhè, eindelijk gerechtigheid!

Jan Tak :
Ach het is al vele jaren terug Cory de toog was toen het domein van de mannen tegenwoordig moet je als man over de dames heen je pilsje bestellen.
Wij mannen verliezen steeds meer terrein :-)
Overigens dat cafe Promonade waar ik het over had bestaat nog steeds maar de lucht zal nu wel opgetrokken zijn.

zaterdag 03 dec 2016

Corry Gryn :
Heb nog nooit staande gedronken: zittend is altijd het best! ;-)

zaterdag 03 dec 2016

Jan Tak :
Ik sla even over Cory.
Een tamponnetje ach wie heeft ze nooit aan de hengel gehad, maar bij de incontinentie haak ik af.
Ik stond ooit eens 's middags in een café aan de tap en hoorde ik ineens de kraan open gaan stond er een kerel naast me tegen de bar te pissen. Sindsdien drink ik nooit meer :-( staande dus.

donderdag 01 dec 2016

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties