Afluisteren....

6303-afluisteren (Door Geert-Jan Laan)

In de Volkskrant pleitten recent enkele autoriteiten uit de journalistiek voor een verbod op het afluisteren van journalisten door inlichtingendiensten. Of alleen wanneer het nut daarvan voor een rechter kon worden aangetoond. Ik weet zeker dat ik als onderzoeksjournalist van Het Vrije Volk destijds ben afgeluisterd en ik heb dat uit de beste bron. Die bron is de inmiddels overleden toen nog jonge jurist mr. Ad Geelhoed die ik in het voorjaar van 1976 samen met mijn collega Rien Robijns heb leren kennen toen wij in het diepste geheim als getuige werden gehoord door de commissie Donner. Geelhoed was de secretaris van die commissie die op verzoek van premier Den Uyl een onderzoek instelde naar de juistheid van de berichten dat prins Bernhard zou zijn omgekocht door onder meer de vliegtuigfabrikant Lockheed.

Op 5 december 1975 hadden we dat bericht als eersten in Nederland gemeld. Behalve het weekblad Nieuwe Revu zweeg de Nederlandse pers nog als het graf over deze zaak. De aanleiding om ons te horen als getuige was een verhaal dat we in februari 1976 in Het Vrije Volk hadden geschreven. In het Zwitserse Sankt Moritz hadden we een voormalige Londense vriend en zakenrelatie van de prins C.Fred Meuser gesproken. Hij had ons verteld dat hij alle commissies van vliegtuigfabrikanten in zijn zak had gestoken. Letterlijk zei hij:,, Heren, een breukdeel van een procent, maar van forse bedragen.”

Dat verhaal trok ook de aandacht van de Zwitserse ambassade in Den Haag. Als dat zo was dan moest dat blijken uit de belastingaangifte van meneer Meuser. Dat bleek niet het geval en Meuser, daarmee geconfronteerd, ontkende in het geheel met ons te hebben gesproken. De commissie Donner dacht wanneer wat Meuser zegt waar is, dan zijn we klaar en dus werden wij gehoord . We moesten vertellen in welke hotels we hadden gelogeerd maar de meeste indruk maakten we toch toen we proccies konden omschrijven hoe Meuser gekleed was. De kleur van zijn coltrui en het feit dat wij rookten hem vervuldde met afgrijzen. Alle aanleiding dus voor de commissie om serieus door te gaan met het onderzoek .

Wat later dat voorjaar kwam mr. Geelhoed 's avonds naar mijn huisadres in Krimpen aan den IJssel. Hij had zich ontwikkeld tot een van onze geheime bronnen in deze zaak. Mijn echtgenote (ik was in Zwitserland) hoorde hem zeggen:,, Ze worden afgeluisterd door de BVD. Ze zijn op zoek naar hun bronnen.”

Hij adviseerde haar ons te bellen, maar niet via de eigen telefoon.

Later konden we er ook wel grappen over maken. Zo zei Rien Robijns wanneer wij elkaar 's avonds belden en hij hoorde vreemde klikken op de lijn:,, Meneer van de BVD. Ga toch lekker slapen. Het staat morgenmiddag allemaal in Het Vrije Volk.”

jim Peter Postma :
Hoe blonder, hoe dommer. Maar wel verschrikkelijk verrukkelijk!

En het hele rijtje dat jij opnoemt Jan, daar kunnen wij praktisch allemaal een vinkje bijzetten.

Mea Culpa...@@@

donderdag 01 dec 2016

Jan Tak :
Geef mij dan maar een dom blondje :-)

Wij weten toch allemaal dat iedereen zijn prijs heeft zelfs een Prins die van huis uit al niet op een dubbeltje hoefde te kijken. Was hij toen inhalig of chantabel, wellicht beide.
Maar als er eerlijke journalisten bestaan (en dat betwijfel ik niet) hoe kan het publiek ze dan herkennen?
Ze zijn natuurlijk allemaal politiek neutraal;
Hebben geen schulden;
Gaan niet vreemd;
Zijn matige drinkers,
Schenden nimmer iemands privacy;
Dubbel Checken hun informatie;
Breken niet in om info te vergaren;
Houden zich verre van vriendjes politiek en omkoping;

Etc. ach ik schud het maar uit de mouw, volgens mij is er wel een beroepscode.

Nou als iemand hier nu nog de vinger opsteekt dan is het waarschijnlijk de grootste jokkebrok in het vak. Ik zou ook niet de eerste steen werpen.
Ach niets menselijks is ons allen vreemd Hans en daarom moeten we een journalist behandelen als een doodgewone burger.

woensdag 30 nov 2016

jim Peter Postma :
Kan je een 'waakhond van de democratie', een pure pitbull vergelijken met een dom blond poedeltje als de 'zogenaamde doodgewone burger'.

Niet dat die pure objectieve journalist ooit naast zijn schoenen moet gaan lopen, want anders moet hij die eerst gaan lopen uittrekken!

woensdag 30 nov 2016

Jan Tak :
@ Hans Roodenburg
Of moeten journalisten hetzelfde behandeld worden als doodnormale burgers?

Geef me één reden waarom niet.

zondag 27 nov 2016

Hans Roodenburg :
Blijkt maar weer dat journalisten zich niks hoeven aan te trekken van mogelijk afluisterpraktijken van geheimede diensten als het niet uit de hand loopt. Is een verbod te doen? Of moeten journalisten hetzelfde behandeld worden als doodnormale burgers? Journalisten hebben toch al in hun onderzoekingen een streepje voor want autoriteiten werken soms mee. Tenminste als journalisten géén cowboys zijn. De NVJ wil elke journalist in principe vrijwaren van afluisteren door geheime diensten. Echter de volgende stap is een register van betrouwbare journalisten. Willen we dat?

zondag 27 nov 2016

Jan Tak :
Ra.ra.
Ik zie dan 3 mogelijkheden:
1 ze wisten allang wie het waren en het was niet interessant;
2 ze wisten het niet maar ongeacht de uitkomst vonden ze het interessant;
3 als 2, ze waren de inmenging van Bernard met o.a. zijn operatie Lock meer dan zat m.a.w. het paste wel in het straatje. Bovendien was niet eenieder in de regering gecharmeerd van het duo "Pappie en Kokkie".

zondag 27 nov 2016

jim Peter Postma :
Tijdens de Lockheedaffaire van onze landelijke zeer gewaardeerde Watergatejournalisten, het onderzoekduo Geert-Jan Laan en Rien Robijns, zochten zij stad en land (Zwitserland onder meer) af op zoek naar hun Prins Bernhard-bronnen.

De toenmalige BVD luisterde destijds (terecht) af. Informant mr. Ad Geelhoed zei daarover: 'De BVD is op zoek naar hun bronnen!.

Laan en Robijns hadden daarbij groot geluk, namelijk: De BVD ging in deze niet op zoek naar hun bonnen...@.

zondag 27 nov 2016

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

Over de schrijver

Geert-Jan Laan

Geert-Jan Laan (1943, Delfzijl) is mede-oprichter van de nieuwe weekkrant Rotterdam Vandaag & Morgen.
Laan begon zijn journalistieke carrière bij Het Vrije Volk en het Rotterdams Parool, werkte van 1970 tot 1975 als sociaal economisch redacteur bij Het Vrije Volk en bedreef tussen 1975 en 1982 samen met Rien Robijns onderzoeksjournalistiek, o.a. naar Lockheed/Northrop, OGEM, etc. Ze wonnen de persprijs 1980 en publiceerden samen vijf boeken.

Daarna werkte Laan tot 1990 als plaatsvervangend hoofdredacteur/directeur van Het Vrije Volk te Rotterdam. Via zijn eigen PR- en journalistiek productiebureau deed hij in 1991 ,in opdracht van Robert Maxwel, onderzoek naar de eerste Nederlandse tabloid.

Hij was tot 2003 hoofdredacteur van Nieuwsblad/Dagblad van het Noorden en was onder meer voorzitter van het Nederlands Persmuseum te Amsterdam. Tevens was hij voorzitter van de Commissie Dag van de Persvrijheid.

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties