COLUMNS

Hoge nood

Zit nog midden in de winter op het terras van café Melief Bender op de Oude Binnenweg. Met boven mij een aangename stralende kachel tegen de vrieskou. Zo toch nog heerlijk ‘mensjes kijken’, een aangenaam toeven. Zeker met de ochtendkrant, een geurende kop koffie en een sigaretje tussendoor. Voor mij persoonlijk een klein feestje.

Lees verder

Een diamanten jubileum en herinneringen

In het vroege voorjaar van 1953 kwam ik als jongen van negen jaar vanuit mijn lagere school in de Rotterdamse wijk Blij[...]

‘Patatje oorlog!’

In de gure vrieskoude van vorige week loop ik ’s avonds vanuit mijn buurtkroeg ‘De Walenburg’ als een hongerige w[...]

Pienter pookje, rode DAF 66 en Lockheed

Begin 1975 kreeg ik mijn eerste leaseauto als redacteur van Het Vrije Volk. Het was een rode DAF 66 met natuurlijk dat [...]

Roulette met seks

Zit aan de bar bij het Holland Casino met een kopje koffie, beroepsmatig dus. Naast mij komen ineens twee dikke bierbui[...]

Wat gebeurde er met de kreet: ‘Vrouwen

Na de chaos aan boord van het Italiaanse cruiseschip Costa Concordia direct nadat het schip op de rotsen was gelopen ku[...]

‘Gekke Henkie’

Op de Bergweg in Rotterdam-Noord spot ik een merkwaardig tafereel. Een politieman staat bij een open deur van een dure [...]

Geen kleurlingen

Na achttien jaar zijn in Engeland twee mannen veroordeeld, die in 1993 de jonge gekleurde student Stephen Lawrence hebb[...]

Het kanten mutsje

Nu, precies zo’n tien jaar geleden, overleed mijn lieve moedertje op Nieuwjaarsdag. Een jaar voor haar dood vertrouw[...]

Jazeker, geen hypotheker

In de beginjaren zeventig kochten wij als jong gezin een Eurowoning in Krimpen aan den IJssel. De prijs was tachtigduiz[...]

Peperdure boterletters

Ooit heb ik mijn leven waarschijnlijk te danken aan boterletters. Dat kwam zo. In de beruchte Hongerwinter van 1944 war[...]

Social media

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties