COLUMNS

Proost!

Ooit een schrikkeljarige ontmoet? Op 29 februari 1948 zag ik als Jim Peter Postma in Rotterdam mijn eerste levenslicht. Ook nota bene nog als zondagskind.

Jaarlijks worden er in Nederland zo’n 183.000 baby’s geboren. Dat zijn er dus zo’n kleine 500 per dag. Vermenigvuldigd met 365 x 4 (jaar) is ongeveer de kansberekening.

Lees verder

Hoge nood

Zit nog midden in de winter op het terras van café Melief Bender op de Oude Binnenweg. Met boven mij een aangename str[...]

Een diamanten jubileum en herinneringen

In het vroege voorjaar van 1953 kwam ik als jongen van negen jaar vanuit mijn lagere school in de Rotterdamse wijk Blij[...]

‘Patatje oorlog!’

In de gure vrieskoude van vorige week loop ik ’s avonds vanuit mijn buurtkroeg ‘De Walenburg’ als een hongerige w[...]

Pienter pookje, rode DAF 66 en Lockheed

Begin 1975 kreeg ik mijn eerste leaseauto als redacteur van Het Vrije Volk. Het was een rode DAF 66 met natuurlijk dat [...]

Roulette met seks

Zit aan de bar bij het Holland Casino met een kopje koffie, beroepsmatig dus. Naast mij komen ineens twee dikke bierbui[...]

Wat gebeurde er met de kreet: ‘Vrouwen

Na de chaos aan boord van het Italiaanse cruiseschip Costa Concordia direct nadat het schip op de rotsen was gelopen ku[...]

‘Gekke Henkie’

Op de Bergweg in Rotterdam-Noord spot ik een merkwaardig tafereel. Een politieman staat bij een open deur van een dure [...]

Geen kleurlingen

Na achttien jaar zijn in Engeland twee mannen veroordeeld, die in 1993 de jonge gekleurde student Stephen Lawrence hebb[...]

Het kanten mutsje

Nu, precies zo’n tien jaar geleden, overleed mijn lieve moedertje op Nieuwjaarsdag. Een jaar voor haar dood vertrouw[...]

Jazeker, geen hypotheker

In de beginjaren zeventig kochten wij als jong gezin een Eurowoning in Krimpen aan den IJssel. De prijs was tachtigduiz[...]

Social media

KOPSTOOT

Strontschuit


Op ons terrasje in de Teilingerstraat (zijstraat Schiekade)

zit een bouwvakarbeider / aannemer

te oreren tegen een ‘takkenwijf’.


‘Alles wat ik in haar huis doe, is in haar ogen fout’,

zo steekt hij van wal.

Zodoende ben ik nu alleen al twee weken

met haar badkamer bezig.

‘Zeg ik’, waar wil je de spiegel hebben?’.

Zegt ze daar!

Zeg ik voor de tweede keer:

‘Weet je het nu zeker?’

Antwoordt zij: ‘Zeker!’

Teken ik het helemaal af, volgens haar wensen

en moet daardoor boren tegen keiharde tegels.

Breken er op de koop toe nog een tiental van mijn boortjes.

Eindelijk hangt nu de spiegel,

komt ze binnenlopen en zegt:

‘Hij moet toch een stukje hoger,

zodat die gelijk zit met het stopcontact.’


En zo gaat dat nu in dat pokkenhuis van dat pokkenwijf

al voor de honderdste keer. Om gek van te worden.


Het heeft mij een ding geleerd:

‘Je zit sneller op een strontschuit, dan in de gouden koets!’


JP


  • Nieuw

  • Reacties