‘Helikopterview’

5406-helikopterview (Door Jim Postma)
Als je net zoals ik maar eens in de vier jaar jarig bent (dus op 29 februari) dan ben je dus ‘lang niet jarig’. En heb je maar weinig te vieren. Afgelopen weekeinde was het weer zo ver.

Zaterdag was het 28 februari en een dag later, dus op zondag, reeds weer 1 maart. De 29e ontbrak voor mij nu de derde keer op rij, van 2013 tot en met het heden van 2015.
,,Vier je dat nu op de 28e februari of een dag later op 1 maart,’’ is een veel gestelde vraag aan mij. Resoluut antwoord ik dan: ,,Hoe kan je nu een verjaardag vieren als die er niet is!’’ Pas in 2016 (altijd in het jaar van de Olympische Spelen, ook eens in de vier jaar) geef ik ‘bij leven en welzijn’ weer een feestje in mijn vriendenkring.


,,Heb je daar dan geen problemen mee om drie jaar lang geen verjaardag te hebben,’’ is de volgende vraag. ,,Jazeker,’’ zo is mijn antwoord daarop. En dat begon al tijdens de prille schooljaren. Dan begon de juffrouw of de meester ineens voor de klas te zingen: ,,Er is er een jarig, hoera, hoera, dat kan je wel zien, dat is hij,’’ wijzend op mij. Dan had ik het even te kwaad. Vooral als de klas het refrein begon mee te zingen. Als iedereen was uitgezongen, stamelde ik: ,,Maar ik ben helemaal niet jarig. Echt niet.’’

Pas veel later kwamen daar als een soort ‘pest’ de kroegen bij. Er was een keer zo’n bruin café waar ze een zogenaamde ‘klantenkalender’ hadden hangen. Niet in het belang van die klant dus, maar puur voor de uitbaters. Was je daar toevallig binnen op je verjaardag dan kreeg je van de zeer ‘uitgenaste’ barbaas zo’n lullig cadeautje als een schoenensetje of nog erger een stukje badzeep. En dan het liefst, als de kroeg zo druk mogelijk was, vanachter de bar gaan lopen zingen: ,,Er is er een jarig, hoera….’’ Vervolgens kon je dan een rondje weggeven aan zo’n 20 of 30 man…

Uiteraard deed ik niet aan dit uitgekookte barspelletje mee, al was het alleen maar omdat ik op die dag nog zo’n vier horeca-etablissementen zou aandoen. Nee, van ‘Gekke Henkie’ had ik al lang afscheid genomen en dus eveneens van deze ‘hoerakroeg’.
Maar de eerste keer in mijn leven dat ik écht jarig was, zal ik nooit meer vergeten. Ik was toen dus vier jaar geworden. Zo vlak na de oorlog was alles nog armoede troef. Maar een ‘rijke tante’ van mij, ‘tante Gera’, trakteerde mij op een speelgoed helikoptertje. Zo één met een vliegwiel eronder. Als kleine en blije piloot ontwikkelde ik al snel een ‘helikopterview’ (Van Dale: ‘beschouwingswijze, waarbij men zich richt op de grote lijnen, niet op de details’).
En zo maakte ik als kleuter mijn eerste proefvluchtjes boven de fauteuils waarop mijn tante en mijn moeder zaten. Die schaterden van de lach over de vliegkunsten van dit ‘kleine clowntje’.

Dat ik op deze manier grote mensen aan het lachen kon krijgen deed mij nog meer plezier dan ‘pilootje’ spelen.
Totdat ik iets te laag ging vliegen en zo met mijn helikopter de lange zwarte pijpenkrullen van mijn moeder greep. Mijn vliegmachine kwam bovenop haar hoofd terecht. En het ergste was dat het vliegwiel maar bleef doordraaien van de ene pijpenkrul in de andere.

Moeders gilde het nu uit, terwijl mijn tante blauw over de grond rolde van de lach. Daarop sprong ma op vanuit haar fauteuil en rende naar de spiegel. Mijn helikopter had voor goed een noodlanding gemaakt midden op haar kruin. Bij de aanblik daarvan gilde mijn moeder nog harder. Zelf was ik van de schrik wit weggetrokken. Het duurde ongeveer een half uur voordat ma, die kapster was, alle pijpenkrullen had losgeknipt.

Mijn mooie helikoptertje heb ik toen nooit meer teruggezien.

Jim Peter Postma :
Beste 'Pensionade': 'Een helikopterrondje geef ik graag alsnog weg!'
Geef mij maar even een kroegseintje...

donderdag 12 maart 2015

Pensionado :
Had het gezegd dan had je van mij een nieuwe gekregen, wel voor een rondje natuurlijk.
Alsnog gefeliciteerd Jim.

maandag 09 maart 2015

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

Over de schrijver

Jim Postma

Jim Postma (Rotterdam, 29-02-1948) is samen met Geert-Jan Laan in 2008 de papieren weekkrant Rotterdam Vandaag & Morgen begonnen, later gevolgd door deze elektronische krant.

Beide initiatiefnemers werkten daarvoor jarenlang als onderzoeksjournalisten bij de toenmalige dagkrant Het Vrije Volk.

Jim Postma werd in die tijd ook bekend van zijn dagelijkse rubriek ‘Stukgoed’, over de kleine dingen in het leven, die voor velen toch bijzonder belangrijk zijn. Zoals ‘normen en waarden’.

In dit kader onderscheidt hij zich de laatste paar jaar in weekkranten als columnist en recensent in het Rotterdamse kunstwereldje.

Ooit begon hij in 1965 als jong journalist bij de dagkrant De Rotterdammer en vertrok daarna voor zeven jaar naar Afrika als correspondent, onder meer voor Radio 1 en 2.

In de negentiger jaren, na het verlaten van het gefuseerde Het Vrije Volk begon Jim Postma met het maken van televisiedocumentaires. Een hele bekende, die hij samen maakte met fotograaf/filmer Paul Stolk, werd ‘Een rustige Jaarwisseling’ voor de NOS/NOB. (Waarderingscijfer 8.2 en met 2.4 miljoen kijkers).

Hieruit volgde de campagne voor jonge vuurwerkslachtoffers, ‘Je bent een rund als je met vuurwerk stunt’. Dit leidde in die tijd tot aanzienlijk minder slachtoffers.

Andere televisiedocumentaires van Jim Postma, onder meer gemaakt in Afrika en in Mongolië, werden uitgezonden via de VARA, EO, AVRO/TROS, de BRT en CNN.

KOPSTOOT

De sloopkogels van de Internationale

(door Kees Versteeg)


De brand in de Notre-Dame deed me ineens terugdenken aan de Koninginnekerk. Gesloopt in 1971. Hij stond aan de Boezemsingel in Crooswijk. In de verkiezing Mooiste Gesloopte Kerk kwam de Koninginnekerk als winnaar uit de bus.


D
e brand in de Notre-Dame is een ongeluk. Binnen een dag is 700 miljoen euro verzameld voor de wederopbouw. De sloop van de Koninginnekerk was daarentegen een geplande politieke misdaad.

De toenmalige PvdA-burgemeester Thomassen was een warm voorstander van de sloop. Er moest op die plek een niet-confessioneel bejaardenhuis komen. De sloop van de kerk riep in 1971 veel verzet op. Tegenstanders zeiden: ‘Wat de nazi’s lieten staan, dat gaat er nu wel aan.’

De linkse raad won. De sloop werd doorgezet. Er hangt een portret van Thomassen en zijn vrouw An in het Rijksmuseum. Misschien is de tijd nu rijp om er een bordje bij te zetten.

Met de tekst: ‘In de tijd dat Thomassen burgemeester was van Rotterdam, ontwikkelde de stad zich tot wereldhaven nummer één. Daarnaast was Thomassen ook een kopstuk in de politieke misdaad. Op de plaats waar ooit de Koninginnekerk stond, verhief hij Judas tot bouwmeester en noemde dat verheffing van het volk.’




  • Nieuw

  • Reacties