COLUMNS

Het Filmfestival

6975-het-filmfestival
(Door Alek Dabrowski)

Ieder jaar is het weer feest. Vanaf eind jaren tachtig bezoek ik het mooiste festival van Rotterdam, het IFFR. Ik neem er altijd een week vrij voor. Naast films kijken - vroeger veertig stuks, tegenwoordig hooguit twintig – is het randgebeuren minstens zo belangrijk: oude vrienden tegen het lijf lopen en doorzakken.

In de loop der jaren heeft dat laatste wat aan kracht ingeboet. Ik word tenslotte een dagje ouder. Er zijn jaren geweest waarin ik hooguit vijf uur per nacht sliep. Tot diep in de nacht klokte ik bier in het Hilton, de dansvloer werd af en toe aangedaan en een afzakkertje in een duistere hotelbar mocht ik niet aan mij voorbij laten gaan. De wekker ging de volgende ochtend veel te vroeg. Om tien uur stond er een Russische zwart-wit film op het programma. De week ervoor was ik er nog van overtuigd dat deze film niet mocht worden gemist. Bij het ontwaken wist ik absoluut niet meer waarom. Maar het kaartje was al betaald, dus je ging.

In de loop van de week werden de ochtendvoorstellingen steeds stiller. De mensen die er zaten verspreidden een kruidig aroma. Er waren filmfanaten die tien dagen lang in dezelfde kleren rondliepen. Zelfs in het Hilton werd toen nog volop gerookt, sluitingstijden bestonden niet. De festivalgeur droeg je tien dagen met je mee.

Vroeger was niet alles beter, maar er werd wel minder moeilijk gedaan. De stoelen in veel zalen waren niet gemaakt om er langer dan een uur op te zitten en de kwaliteit van de films werd niet altijd herkend. Met een passe-partout kon je overal in en uit lopen. Dat werd veel gedaan, zodat het bij slechte films soms één grote chaos werd.

Eind jaren tachtig kende ik veel medestudenten die voor het festival werkten. Losse kaartjes kon je gebruiken voor elke voorstelling. Al gauw voerden we het kaartjes-teruggeef-systeem in. Op één ticket zag ik zo meerdere films. De bezoekersaantallen waren toen dus een stuk hoger dan wat de officiële kaartverkoopcijfers aangaven.

Drinken na het zien van een film is anders dan drinken zonder film gezien te hebben. Ten eerste bemoei je je pas na afloop van je laatste voorstelling serieus met het bier. Je hebt grote dorst. Ten tweede ben je niet de enige. Het gevolg is een grote massa dranklustigen die zich staat te verdringen aan de bar van de Schouwburg. In deze gedeelde onrust maak je snel vrienden.

Ik ontmoette de eerste dag van een festival een grote kerel. We raakten in gesprek. Hij had een even wilde bos haar als ik. Na een paar bier besloten we dat we broers waren en elkaar net teruggevonden hadden. We vertelden dit iedereen in de Schouwburg. Omdat het bestellen ons te lang duurde namen we standaard twee tapjes. De consequentie was dat we de hele avond met twee handen vol bier tegen iedereen aan stonden te blaten.

De volgende avond was de kater gezakt, maar ik bewoog nog niet helemaal soepel. De films die ik overdag gezien had, hadden geen indruk achtergelaten; misschien vanwege de moeite die ik had mijn ogen open te houden. Ik stond aan de bar van de Schouwburg en bestelde een eerste biertje. Aan een statafel stond een man die mij vaag bekend voorkwam. Hij hield ook een biertje in zijn hand. Pas toen hij van de barman een tweede bier kreeg aangereikt ging er een lichtknop aan. Met twee bier in de hand herkende ik hem weer: mijn teruggevonden broer! De rest van het festival waren we onafscheidelijk. De jaren erop trof ik hem regelmatig. Het was altijd lol. Waar hij woonde en wat hij de rest van het jaar deed, wist ik niet.

Op een keer zag ik hem breed lachend aan de bar staan. Hij had vorig jaar op het festival een meisje ontmoet. Zij was zwanger en een huwelijk was aanstaande. Ik heb hem daarna nooit meer gezien. Wat zijn naam was weet ik niet meer, maar als ik aan hem denk, met in elke hand een biertje, moet ik weer lachen.

Lees verder

Waan van de dag

6958-waan-van-de-dag
(Door Geert-Jan Laan)
De dichter Jean Pierre Rawie heeft een uitnodiging geweigerd van een afdeling van de Rijksuniversiteit Groningen (RU[...]

't Kan ook met de helft...

6943-t-kan-ook-met-de-helft
(Door Geert-Jan Laan)
Vanwege de tegenvallende inkomsten uit de Sterreclame van zo'n 60 miljoen euro wil de publieke omroep een forse verh[...]

Een beetje fascist; kan dat?

6936-een-beetje-fascist-kan-dat
(Door Ronald Sörensen)
Onze burgemeester heeft velen in ons land de ogen geopend door te beweren, dat iedere moslim wel een beetje salafist [...]

Kootje

6928-kootje
(Door Alek Dabrowski)
Bijnamen horen bij stamgasten, zoals bier in een bierglas hoort. Je hebt ze in twee soorten: bijnamen die alge[...]

Empathie versus ongemak

6898-empathie-versus-ongemak
(Door Marco Kunkels)
Met gefronste wenkbrauwen luistert ze naar het omroepbericht van de NS. ‘’Een aanrijding met een persoon, heb ik[...]

Napoleon politicus van het jaar

6896-napoleon-politicus-van-het-jaar
(Door Ronald Sörensen)
Vrijdagavond jongstleden besloot een wc-eend jury, dat Napoleon (noot 1) de politicus van het jaar is geworden. Enkel[...]

Mijn vaders stamkroeg

6889-mijn-vaders-stamkroeg
(Door Alek Dabrowski)
Timmer is een roemrijk Rotterdams café. Eén manier om de faam van een café vast te stellen is om na te gaan of er [...]

De twee vrienden van Christeen Keeler

6883-de-twee-vrienden-van-christeen-keeler
(Door Geert-Jan Laan)
Het onlangs overleden voormalig model Christine Keeler bracht met twee amoreuze relaties in 1963 het conservatieve B[...]

De ‘Griepprik’, voor- en nadelen

6875-de-griepprik-voor-en-nadelen
(Door Jim Postma)
Via mijn huisarts een uitnodiging gekregen voor de bekende jaarlijkse griepprik. Die ontvangt iedere Rotterdammer va[...]

Soep van Vandaag & Morgen

6871-soep-van-vandaag-morgen
(Door Jim Postma)
De vertegenwoordiger komt handenwrijvend het bruine caférestaurantje binnengelopen. Buiten is het guur, waterkoud. Zo[...]

Social media

KOPSTOOT

‘Soldatenrondje op het terras’


Het gesprek tussen de

gepensioneerden op

het zonovergoten terras

gaat over hun lang

verleden als militair.


De ene anekdote volgt

na de andere en na

het zoveelste biertje is

het dus lachen, gieren

en brullen, zoals in

de vroegere diensttijd.


De jongste van het stel

ene Daan begint nu over

zijn vroegere meerdere

aan wie zijn compagnie

inmiddels een pesthekel

had gekregen.


Daan: ‘En toen zongen wij

uit volle borst, waar hij

bij ouderwets schreeuwend

en vloekend aanwezig was:


‘Beter je zus als hoer dan je

sergeant-majoor als broer.’


JP


(Andere dienstervaringen zijn

hier van harte welkom).


  • Nieuw

  • Reacties