‘Haringnieuws per flessenpost’ (2)

4579-haringnieuws-per-flessenpost-2 (Door Jim Postma)

(Vervolg van vorige week)

Na een nachtje slapen in de hut van de radio-officier kwamen fotograaf Hennie Maliangkay en ik uit bij de haringvisgronden ten noorden van Schotland met de hektrawler Scheveningen IV.
Een stevige zeebries woei onze ‘kater’ van de vorige dag ten minste weer weg.
De bijgelovige kapitein Piet de Niet had met zijn sensoren aanzienlijke haringscholen ontdekt.
Met een dikke knipoog naar ons, vanwege ons meegebrachte geluk.


Al spoedig werden de eerste volle netten naar boven gebracht. De breed gebouwde bemanningsleden werkten zich uit de naad.
Via de boordradio hoorden wij van kapitein De Niet dat andere vistrawlers, lang niet zo fortuinlijk waren. Een concurrent aan de haringrace kreeg zelfs een net in het roer. Op die schuit waren twee vrouwelijke verslaggevers aan boord.
Daarop sprak onze kapitein Piet de Niet kortaf: ‘Een vrouw en een kip, is de pest op je schip!’
Hennie en ik moesten daar wel om lachen, maar hielden het verder voor visserslatijn.

De gigantische opslagruimen op onze Scheveningen IV raakten voller en voller. Inmiddels werkte de drijvende visfabriek op volle toeren. De bemanningsleden kaakten aan de lopende band door. Slechts een uurtje doken zij voor een tukje in het vooronder.
Na twee dagen en nachten was de vangst van zo’n 400.000 kilo haring binnen. De thuisreis kon in een jubelstemming worden ingezet. Wij gingen de race winnen.
Samen met de zeebonken maakten Hennie en ik onze fles maltwhisky soldaat.

De lege fles voorzag ik van een briefje met de tekst: ‘Wie deze fles vindt, krijgt een emmer vol haringen.’
Terug aan wal kregen Hennie en ik uit dankbaarheid van kapitein De Niet allebei een vers gekaakt vaatje haring mee. Ongelooflijk, zo lekker!
Na twee weken ging bij mij de telefoon. Een meisjesstem riep: ,,Meneer, ik heb uw fles gevonden!’’ Ik was totaal verbouwereerd.
,,Wat heeft u gevonden?’’ sprak ik uiterst formeel. ,,Uw fles!’’ schreeuwde zij het haast uit.
,,Krijg, nou de hik,’’ dacht ik hardop.

Een meisje van 13 jaar had op het eiland Schiermonnikoog mijn flessenpost gevonden. Al rijdend op een paard zag zij de fles glinsteren in de branding.
In plaats van de haring stuurde ik haar een cadeaubon van de VVV met dezelfde waarde.
Nu al weer een kwart eeuw geleden…
Binnenkort ga ik mijn ‘flessenmeisje’ (inmiddels 38 jaar) op Schiermonnikoog eens opzoeken.
Hopelijk voor een romantisch ritje per paard langs het strand. Of wordt het slechts een simpel harinkje eten in een snackbar?

* * *

Haringweetjes: Soms flessentrekkerij met oude voor nieuwe

Een goede nieuwe haring van vandaag de dag behoort een minimaal vetgehalte te hebben van zestien procent. Door veel te koud zeewater waren de maatjes dit jaar haast twee weken vertraagd. De laatste keer dat dit gebeurde was in 2006.
Vlaggetjesdag, ter aankondiging van de nieuwe haring, wordt in Nederland gehouden sinds 1947.
Het quotum voor de vangst van dit jaar voor de Hollandse vissers is gesteld op een totaal van 83.000 ton (83.000.000 kilo). Dit vertegenwoordigt een economische waarde van zo’n 200 miljoen euro. Gemiddeld kosten de eerste maatjes zo’n 70 cent per stuk inkoop en gaan de eerste dagen voor drie keer zoveel over de toonbank (2.10 euro). Na een week kosten ze bij de ‘haringboer’ vaak drie voor vijf euro of vier voor zes euro.
Internationaal in Europa mag door Brussel in totaal een half miljoen ton worden gevangen. In dit geheel rukken de Scandinavische haringvissers verder op, gezien de rijke visgronden rondom deze noordelijke wateren. Ook in het noorden van Schotland wordt veel haring gevangen en steeds minder voor de Hollandse wateren in de Noordzee.

Export
In Nederland zijn er drie grote vissersbedrijven die voor de aanvoer van de nieuwe haring zorgen. Dat zijn Cornelis Vrolijk met een omzet van 250 miljoen euro, de P.P. Groep Katwijk met een omzet ter waarde van 445 miljoen en Fisheries Holding Scheveningen (Jaczon) met een omzet van 116 miljoen euro.
Van de 83.000 ton nieuwe haring die hier aan land komt, gaat de helft (50%) voor export naar Duitsland, 10 procent naar onze zuiderburen in België en blijft dus 40 procent voor onze eigen consumptie over.
Vooral in het begin van het haringseizoen worden nog wel eens ‘oude’ voor nieuwe verkocht. Meestal is dit te zien aan het formaat van de haring. Oude maatjes zijn veel groter en vaak vetter. Het winstpercentage van deze ‘oudjes’ is veel hoger dan op de nieuwe en daarom verleidelijk voor niet-bonafide vishandelaren om ze als zodanig te verkopen.
De vraag is of de VWA (Voedsel en Waren Wet) hierop controleert.

Schrijf uw reactie








Type de code over:


Social media

Over de schrijver

Jim Postma

Jim Postma (Rotterdam, 29-02-1948) is samen met Geert-Jan Laan in 2008 de papieren weekkrant Rotterdam Vandaag & Morgen begonnen, later gevolgd door deze elektronische krant.

Beide initiatiefnemers werkten daarvoor jarenlang als onderzoeksjournalisten bij de toenmalige dagkrant Het Vrije Volk.

Jim Postma werd in die tijd ook bekend van zijn dagelijkse rubriek ‘Stukgoed’, over de kleine dingen in het leven, die voor velen toch bijzonder belangrijk zijn. Zoals ‘normen en waarden’.

In dit kader onderscheidt hij zich de laatste paar jaar in weekkranten als columnist en recensent in het Rotterdamse kunstwereldje.

Ooit begon hij in 1965 als jong journalist bij de dagkrant De Rotterdammer en vertrok daarna voor zeven jaar naar Afrika als correspondent, onder meer voor Radio 1 en 2.

In de negentiger jaren, na het verlaten van het gefuseerde Het Vrije Volk begon Jim Postma met het maken van televisiedocumentaires. Een hele bekende, die hij samen maakte met fotograaf/filmer Paul Stolk, werd ‘Een rustige Jaarwisseling’ voor de NOS/NOB. (Waarderingscijfer 8.2 en met 2.4 miljoen kijkers).

Hieruit volgde de campagne voor jonge vuurwerkslachtoffers, ‘Je bent een rund als je met vuurwerk stunt’. Dit leidde in die tijd tot aanzienlijk minder slachtoffers.

Andere televisiedocumentaires van Jim Postma, onder meer gemaakt in Afrika en in Mongolië, werden uitgezonden via de VARA, EO, AVRO/TROS, de BRT en CNN.

KOPSTOOT

Trouwringen bij caféruzie

(Door Jim Postma)

Tijdens mijn inmiddels duizenden cafébezoeken in deze stad maakte ik heel wat caféruzies mee. Koning Alcohol was en is daarin meestal de boosdoener. Zo was ik ooit getuige dat in ons bekend café ‘De Schouw’ aan de Witte de Withstraat een barbaarse ruzie ontstond over een gokautomaat. Een toen nog jonge collega van mij, Piet Koster van Het Vrije Volk, werd in het conflict door een brute dronkenman neergeslagen. Met een bloedend gezicht lag hij op de grond.

Pas later bleek dat die lafhartige klap (onze Piet kon zich amper of niet verdedigen) zijn grootste geluk ter wereld werd. Op de gokkast zelf won hij namelijk - zoals zo velen - amper wat of niets. Toen hij op dat moment uitgestrekt lag, ontfermde zich een onbekende schone jonge dame over hem. Zij hielp hem overeind en verzorgde zijn wonden. Het werd liefde op het eerste gezicht. Piet en Vera trouwden later met elkaar, kregen kinderen en het werd tot in de lengte van dagen één groot stralend huwelijk…

Na die gemene rot klap heeft Piet overigens nooit meer op een gokkast gespeeld. Zo wijs was hij wel. Liefde en geluk zijn namelijk nooit te winnen op zo’n duivelse, vaak verslavende, kast. Inmiddels is mijn goede collega van destijds, dus Piet Koster, al weer enkele jaren geleden overleden.

Kemphanen
Recent was ik weer getuige, nu in café Centraal aan de Zwartjanstraat, van zo’n onbenullige caféruzie. Toevallig zat ik met mijn barkruk tussen de twee kemphanen in. Het ging om een gepensioneerde zwaarlijvige slager en een gesjeesde filosoof met een grote grijze bromsnor. De aanleiding van de barruzie was de leesbril van de overigens homofiele slager. Vervolgens gingen zij elkaar uitmaken voor ‘rotte vis’, zoals je ziet in de strips van Astrix en Obelix.

In hun scheldkanonnade werd zelfs God meerdere malen vervloekt. Totdat barkeepster Yvonne de boel probeerde te sussen door te zeggen: ‘God bestaat helemaal niet!’

De beide kemphanen werd hierdoor even de mond gesnoerd. Toen zei Yvonne: ‘God zit in jezelf..’ De filosoof dacht even na en zei toen aarzelend: ‘O, Die zit dus in je hersenen.’

Waarop de slager opnieuw begon met: ‘Dan zit Die zeker niet in jou. Want jij hebt helemaal geen hersenen!’

Nu ontplofte de filosoof tegen de slager, met: ‘Weet je wat jij bent hè. Een vuile vieze ruige varkenspoot.’

Op dat moment stond ‘Ruud de glazenwasser’ op. Een krachtpatser met het figuur van Jerommeke uit Suske en Wiske.

Onderweg naar de café-uitgang sprak hij vredelievend met zijn bekende gulle lach:

‘Heren, heren toch! Ben zo weer terug. Ik ga even twee trouwringen voor jullie halen!’


  • Nieuw

  • Reacties